Besluitenlijst B&W-vergadering 23 juni 2020

Details van de vergadering
Bevat Besluitenlijst B&W-vergadering
Datum: 23 juni 2020
Aanwezig:
J.P.M. Klijs  burgemeester
ir. J.C. Slagboom gemeentesecretaris
D.J. Brummans wethouder
A.M.J. Dingemans MEd wethouder
C.J.A. van Dorst MBA wethouder
E. Schoneveld  wethouder
C. Polak strategisch communicatieadviseur

Agendapunten

  1. Vaststelling besluitenlijst van de B&W-vergadering van 16 juni 2020

    Het college besluit:
    De besluitenlijst ongewijzigd vast te stellen.

  2. Vaststelling vertrouwelijke besluitenlijst van de B&W-vergadering van 16 juni 2020

    Het college besluit:
    De vertrouwelijke besluitenlijst ongewijzigd vast te stellen.

  3. Project 199. Ontwikkeling D’Ouwe School Noordhoek

    Het college besluit:

    1. In te stemmen met intentieovereenkomst ten einde de samenwerking met Woonkwartier voor de ontwikkeling van het projectontwikkeling D’Ouwe School in Noordhoek vast te leggen;
    2. De gemeenteraad hierover te informeren door middel van bijgevoegde raadsinformatiebrief.

    Het onderhoud, de exploitatie en het beheer van het gemeenschapshuis D’Ouwe School wordt momenteel uitgevoerd door Woonkwartier. Samen met de gemeente zoekt Woonkwartier naar een andere exploitatie- en beheerconstructie. Tevens wordt de vernieuwbouw van het gemeenschapshuis naar een toekomstbestendige multifunctionele accommodatie onderzocht. Om de samenwerking tussen gemeente en Woonkwartier gedurende de haalbaarheidsfase formeel vast te leggen, is een intentieovereenkomst opgesteld.

  4. Jaarverslag 2019 Vergunningen, Toezicht en Handhaving.

    Het college besluit:

    1. Jaarverslag 2019 Vergunningen, Toezicht en Handhaving vast te stellen.
    2. De aanbevelingen in het jaarverslag over te nemen en team VTH opdragen deze verder uit te werken en op te pakken.
    3. In het kader van het interbestuurlijk toezicht jaarverslag op te sturen naar gedeputeerde staten van Noord-Brabant.
    4. Jaarverslag via een raadsinformatiebrief ter kennisname aan de gemeenteraad voor te leggen.
    5. Jaarverslag toe te zenden aan betrokken handhavingspartners.

    Op 29 januari 2019 is het Uitvoeringsprogramma Vergunningen, toezicht en handhaving (VTH) 2019 vastgesteld. Het uitvoeringsprogramma is opgesteld aan de hand van de kaders van het VTH-beleid gemeente Moerdijk. In het uitvoeringsprogramma zijn de uit te voeren taken voor 2019 opgenomen. In het jaarverslag verantwoord het college in hoeverre de geplande doelen zijn bereikt en welke taken in 2019 zijn uitgevoerd met betrekking tot VTH-taken die door of namens gemeente Moerdijk zijn uitgevoerd. Uitvoering van de VTH-taken moet leiden tot een kwalitatief goede, gezonde en veilige leef- en werkomgeving in Moerdijk.

  5. Vervolgaanpak ondernemerscommunicatie Corona

    Het college besluit:

    1. Instemmen met voorgestelde vervolgaanpak ondernemerscommunicatie Corona
    2. Instemmen met Raadsinformatiebrief over vervolgaanpak ondernemerscommunicatie Corona

    Vanuit de gemeente Moerdijk is er de afgelopen maanden stevig ingezet op de ondersteuning van de lokale ondernemers bij corona-gerelateerde wensen en zorgen. In het begin van de coronacrisis lag de focus met name op zenden van informatie over regelgeving en financieringsmogelijkheden en het delen van inspirerende voorbeelden. In de periode daarna is gerichter ingezet op interactie met de ondernemers en het komen tot maatwerkafspraken. Hierbij lag de nadruk op het opstarten en doorstarten van de horeca, de weekmarkt en de dialoog met belangenorganisaties, ondernemersverenigingen, netwerkclubs en belangrijke lokale economische spelers.

    Om onze inzet voor de komende periode te bepalen is er vanuit de gemeente Moerdijk een verdiepingsslag gemaakt. Hierbij is er gekeken naar vier aspecten:

    1. Landelijke trends en ontwikkelingen;
    2. Analyse typologie lokale ondernemers;
    3. Uitkomsten coronavragenlijst lokale ondernemers (behoeftebepaling ondernemers);
    4. Inventarisatie coronamaatregelen omliggende gemeenten.

    De uitkomsten hiervan zijn vertaald in een vervolgaanpak om de lokale ondernemers zo goed mogelijk te helpen in de komende periode. In de vervolgaanpak ligt de nadruk op het in gesprek blijven en meedenken met ondernemers over de 1,5 samenleving en de consequenties en aandachtspunten die dit met zich meebrengt. Daarnaast ligt de focus op het stimuleren van het lokaal inkopen door inwoners, ondernemers, bezoekers en de gemeente zelf, onze ondernemers positief blijven inspireren door kansen en mogelijkheden te delen en nog duidelijker te communiceren over het geldende (corona)beleid en de manier van handhaven daarop.

  6. Uitstel vaststelling budgetsubsidies 2019

    Het college besluit:

    1. Op grond van artikel 17 lid 2 van de Algemene Subsidie Verordening gemeente Moerdijk de vaststellingstermijn van de subsidie 2019 te verplaatsen naar 1 september 2020 voor de volgende organisaties:
      • Vluchtelingenwerk      
      • Stichting Stoffer en blik      
      • Stichting Halt     
      • Stichting Radar     
      • Stichting Surplus Welzijn
    2. Dit besluit door middel van bijgevoegde beschikkingen te communiceren met de genoemde organisaties

    Het college heeft besloten om op grond van artikel 17 lid 2 van de Algemene Subsidie Verordening gemeente Moerdijk de vaststellingstermijn van de subsidie 2019 te verplaatsen naar 1 september 2020 voor de volgende aanvragers: Stichting Vluchtelingenwerk, Stichting Stoffer en blik, Stichting Halt, Stichting Radar, Stichting Surplus Welzijn.
    Het College heeft dit besluit genomen in verband met de prioriteiten van de vakafdeling voor het Corona virus. Inhoudelijk en juridisch is er geen verandering aan de afhandeling van de vaststelling.

  7. Projectaanjager leerplicht 2021 RBL West-Brabant.

    Het college besluit:

    1. In te stemmen met de financiële bijdrage aan de projectaanjager leerplicht als pilot voor 2021 (0,6 fte bij 16 deelnemende gemeenten dan wel 0,5 Fte bij 10 deelnemende gemeenten);
    2. De geraamde kosten € 2.717 respectievelijk € 3.690, te dekken ten laste van de jaarlijkse specifieke uitkering RMC. 

    Het RBL West-Brabant heeft verzocht om een besluit te nemen over de inzet met ingang van 2021 van de gewenste nieuwe functie projectaanjager leerplicht (0,6 FTE).
    De projectaanjager leerplicht wordt dan het aanspreekpunt voor regionaal werkende partijen, zoals samenwerkingsverbanden primair onderwijs en voortgezet onderwijs, GGD, werkpleinen, die behoefte hebben aan één regionaal aanspreekpunt.
    En de projectaanjager leerplicht vervult dan een inhoudelijke beleidstrekkersrol in het kader van regionale beleidstaken leerplicht en voortijdig schoolverlaten. Zo kan een kwaliteitsslag gemaakt worden in de aansluiting binnen het sociaal domein.
    De regionaal aanjager zou kunnen werken voor alle 16 gemeenten in de RMC regio West Brabant die op administratief niveau samenwerken in het RBL West-Brabant of zou voor de 10 gemeenten kunnen werken, die daarnaast ook samenwerken in het RBL West-Brabant in het kader van leerplicht en voortijdig schoolverlaten.
    Voor 16 gemeenten zou 0,6 fte (geraamde kosten prijspeil 2019: € 52.325) gerealiseerd moeten worden, voor 10 gemeenten zou 0,5 fte (geraamde kosten prijspeil 2019: € 43.605) voldoende moeten zijn. Voor Moerdijk zou dit een geraamde (jaarlijkse) bijdrage zijn van € 2.717 respectievelijk € 3.690.
    Voorgesteld wordt om als pilot in te stemmen met de financiële bijdrage aan de projectaanjager leerplicht voor 2021 (0,6 Fte bij 16 deelnemende gemeenten dan wel 0,5 Fte bij 10 deelnemende gemeenten).

  8. Cliëntervaringsonderzoek Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) over het jaar 2019

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van het cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2019
    2. De resultaten van het cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2019 vrij te geven voor publicatie op 'Waar staat je gemeente.nl'.
    3. De Raad te informeren via bijgaande raadsinformatiebrief.

    Op grond van artikel 2.5.1. van de Wmo 2015 is de gemeente verplicht om jaarlijks te onderzoeken hoe cliënten de kwaliteit van de maatschappelijke ondersteuning ervaren. I&O Research voert dit onderzoek voor alle De6 gemeenten uit. In elke D6 gemeente is het onderzoek afzonderlijk uitgevoerd, zodat elke gemeente naast de landelijk verplichte vragen kon inzoomen op wat voor hen belangrijk is. Op advies van de Wmo raad hebben we in Moerdijk dit jaar ingezoomd op de tevredenheid over de huishoudelijke ondersteuning Op basis van het cliëntervaringsonderzoek krijgen wij een beeld van hoe cliënten de maatschappelijke ondersteuning zoals die door de gemeente Moerdijk wordt geboden ervaren en hoe we deze, indien van toepassing, kunnen verbeteren. De uitkomsten van het onderzoek zijn positief. Het rapportcijfer voor het keukentafelgesprek is gestegen van een 7,5 over 2017 naar een 7,8 nu. Een aantal punten laat een verbetering zien ten opzichte van voorgaande jaren. Op sommige onderwerpen is de tevredenheid gelijk gebleven maar de snelheid waarmee de cliënten vorig jaar geholpen zijn en de effecten die zij van de ondersteuning merken zijn iets lager beoordeeld dan voorgaande jaren.

  9. 1e herziening bestemmingsplan Zeehaven- en Industrieterrein

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van de ingediende vooroverlegreacties en in te stemmen met de reactie daarop;
    2. Het ontwerpbestemmingsplan voor de periode van 6 weken ter visie te leggen, vanaf 25 juni 2020;
    3. De gemeenteraad via een raadsinformatiebrief te informeren.

    Het Havenbedrijf heeft een verzoek ingediend voor een wijziging van het nieuwe bestemmings-plan voor het Zeehaven- en industrieterrein Moerdijk. Het gaat om een wijziging van een risicocontour van één van de bedrijven op het terrein. Daarnaast is gebleken dat een stuk van de geluidscontour van het zeehaventerrein niet goed is opgenomen op de verbeelding van het oorspronkelijke bestemmingsplan. En tot slot is gebleken dat een aantal wijzigingen in de regels van het plan nodig zijn, om deze te verduidelijken. Al deze wijzigingen zijn samengevoegd in een eerste herziening van het bestemmingsplan Zeehaven- en industrieterrein. Het college stemt in met de ter visie legging van het ontwerp-bestemmingsplan. Na ter visie legging zal aan de gemeenteraad een besluit over vaststelling worden gevraagd.

  10. Raadsvoorstel vaststelling jaarverslag 2019 en jaarrekening 2019

    Het college besluit:
    De gemeenteraad voor te stellen om:

    1. Het jaarverslag 2019 en de jaarrekening 2019 vast te stellen;
    2. In te stemmen met de in de jaarrekening opgenomen lasten en baten en de mutaties van de diverse reserves;
    3. De buffer binnen de algemene reserve voor het weerstandvermogen vast te stellen op een bedrag van € 21,1 miljoen;
    4. Het saldo van de reserve frictiekosten organisatieontwikkeling 2013 van € 68.000 vrij te laten vallen ten gunste van de algemene reserve en de reserve frictiekosten organisatieontwikkeling 2013 op te heffen;
    5. Het saldo van de reserve ‘bovenwijkse voorzieningen grondexploitatie’ van € 1.065.000 over te hevelen naar de algemene reserve in het kader van de terugbetaling van de voorfinanciering van het deelproject Molenstraat uit het project Centrum Zevenbergen;
    6. De omvang van de reserve meerjarige uitgaven af te romen met € 216.000 in verband met de afwikkeling van Fijnaart-West (€ 100.000), haalbaarheidsonderzoek Kop Roode Vaart (€ 54.000), herontwikkeling Kompas Zevenbergen (€ 62.000) en dit bedrag toe te voegen aan de algemene reserve;
    7. De omvang van de reserve maatschappelijk nut af te romen met een bedrag van € 105.000  i.v.m. de afwikkeling van beheerplan vervanging wegen 2015 (€ 28.000), paraplunota leefomgeving (€ 39.000), businesscase werkorganisatie W&I (€ 38.000) en dit bedrag toe te voegen aan de algemene reserve;
    8. De omvang van de reserve gemeentegaranties af te romen met € 9.000 op basis van de vastgestelde risiconorm en dit bedrag toe te voegen aan de algemene reserve;
    9. In te stemmen met de geactualiseerde grondexploitaties;
    10. De meerjarige incidentele effecten die voortkomen uit de actualisatie van de grondexploi-taties voor de jaren 2020 (€ 373.000 N), 2021 (€ 2.306.000 N), 2022 (€ 1.519.000 V), 2023
      (€ 3.622.000 N) en 2024 (€ 3.844.000 V) ten gunste / ten laste te brengen van het begrotingsresultaat in die jaren;
      11. In te stemmen met het verwerken in de begroting 2020 van de volgende reeds door de raad beschikbaar gestelde budgetten die ten laste van de algemene reserve komen:
      • brandveiligheid schoolgebouwen € 100.000
      • woningbehoefteonderzoek € 33.000

    De jaarrekening 2019 sluit met een batig saldo van € 1.265.000. Dit is het resultaat nadat de toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves hebben plaatsgevonden op grond van eerdere besluitvorming hierover door de gemeenteraad. Het saldo is € 878.000 hoger dan op grond van de 2e bestuursrapportage 2019 mocht worden verwacht. Verder wordt, in verband met actualisering van de belangrijkste risico’s, de buffer binnen de algemene reserve voor het weerstandsvermogen bepaald op € 21,1 miljoen. Daarnaast wordt, op basis van actualisering van de bestemmingsreserves, € 1.463.000 vanuit deze bestemmingsreserves toegevoegd aan de algemene reserve. Voor de bestemming van het saldo van de jaarrekening wordt een afzonderlijk voorstel voorgelegd.

  11. Raadsvoorstel bestemming jaarrekeningresultaat 2019

    Het college besluit:
    De gemeenteraad voor te stellen om:
    Ten laste van het jaarrekeningresultaat 2019:

    1 € 20.000 beschikbaar te stellen voor aanpak verkeersveiligheid schoolomgevingen;
    2 € 25.000 beschikbaar te stellen voor opstellen MOP vestingwerken;
    3 € 81.000 beschikbaar te stellen voor afronden inspecties project brandveiligheid fase 2;
    4 € 20.000 beschikbaar te stellen voor aanbesteding invulling Mauritshuis;
    5 € 24.000 beschikbaar te stellen voor inventaris gemeentehuis;
    6 € 136.000  beschikbaar te stellen voor ‘vernieuwen en experimenteren’;
    7 € 40.000 beschikbaar te stellen voor uitvoering implementatieplan Omgevingswet;
    8 € 100.000 beschikbaar te stellen voor uitvoering projecten (P-budget);
    9 € 50.000 beschikbaar te stellen voor haalbaarheidsstudie gymaccommodaties Zevenbergen;
    10 € 769.000 toe te voegen aan de algemene reserve.

    De jaarrekening 2019 sluit met een voordelig resultaat van € 1.265.000. Dit resultaat is voorlopig afzonderlijk op de balans opgenomen onder het eigen vermogen. Via dit besluit wordt het jaarrekeningresultaat bestemd.
    Ten behoeve van de voortgang van 9 overlopende zaken vanuit 2019 naar 2020 wordt gevraagd een bedrag van € 496.000 ten laste van het rekeningresultaat 2019 te brengen. Het betreft:

     
    Omschrijving  Bedrag
    Aanpak verkeersveiligheid schoolomgevingen 20.000
    Opstellen MOP vestingwerken 25.000
    Afronden inspecties project brandveiligheid fase 2 81.000
    Aanbesteding invulling Mauritshuis 20.000
    Inventaris gemeentehuis 24.000
    Vernieuwen en experimenteren 136.000
    Uitvoering implementatieplan Omgevingswet 40.000
    Uitvoering projecten (P-budget) 100.000
    Haalbaarheidsstudie gymaccommodaties Zevenbergen 50.000

    Totaal

    496.000

    Het restant van het jaarrekeningresultaat 2019 van € 769.000 wordt voorgesteld toe te voegen aan de algemene reserve.

  12. Voorlopige toekenning vervoerder PZN t.b.v. Deeltaxi Wmo i.v.m. Coronavirus

    Het college besluit:
    In te stemmen, conform het besluit van de Bestuurscommissie KVC van 11 juni jl. met:

    1. De uitbreiding van de huidige regeling voor de toekenning van een voorlopige bijdrage aan de vervoerder PZN, t.b.v. de uitvoering van de Deeltaxi Wmo/KVC, in verband met het coronavirus naar juni t/m augustus 2020, onder dezelfde condities;
    2. Kennis te nemen van de mededeling dat er een aanpassing van de vervoersovereenkomstbesluit volgt, uitgaande van een structurele, substantiële afname ten opzichte van het reguliere vervoersvolume, welke in de Bestuurscommissie KCV van oktober wordt voorgelegd.

    Op 21 april is in de Bestuurscommissie KCV (Kleinschalig Collectief Vervoer) het besluit genomen om PZN, de uitvoerder van de overeenkomst inzake de Deeltaxi/KCV met 16 gemeenten en de Provincie Noord-Brabant, een voorlopige bijdrage in verband met het coronavirus toe te kennen. Ten gevolge van de RIVM richtlijnen die het gebruik van het (openbaar) vervoer beïnvloedden en nog steeds beïnvloeden, dreigden in maart de onderaannemers c.q. de lokale vervoersbedrijven (vanwege het drastisch teruglopen van het aantal gebruikers) in financiële problemen te komen. Deze compensatie in de vorm van een voorlopige bijdrage is in lijn met de afspraak tussen kabinet en VNG om omzetgarantie aan de vervoersaanbieders binnen het sociaal domein tot 1 juli te verlenen. Het college heeft eerder besloten zich aan deze richtlijnen te conformeren. Het strikte protocol voor het vervoer en het feit dat we te maken hebben met een kwetsbare groep cliënten, maakt dat het vervoersvolume zeker op korte termijn niet op het oude niveau terugkomt. Het college stemt daarom in met een verlenging van een voorlopige bijdrage in juni tot en met augustus tot maximaal 80% van de gerealiseerde vervoersomvang in dezelfde periode in 2019.