Project 120. Logistiek Park Moerdijk – verwijdering kettingbeding voormalige gemeentegrond in overeenkomsten

Het college besluit:
In te stemmen met:

  1. Het verwijderen in de akte van levering tussen ‘erven van der Ploeg’ en ‘Hebema II B.V’ van het kettingbeding in artikelen 7, 9 en 10 onder volledig;
  2. Het aanpassen van kettingbeding artikel 11, indachtig besluitpunt 1; 
  3. Teamleider REO te mandateren om bij volgende verzoeken tot schrappen van kettingbedingen in ontwikkelgebied LPM van gelijke strekking, deze te verwijderen.

Gemeente heeft in het verleden, bij verkoop van gemeentelijke grond aan de inmiddels overleden heer R.C.M van der Ploeg enkele kettingbedingen opgelegd. Deze grond ligt in het ontwikkelgebied van het Logistiek Park Moerdijk, en wordt aangekocht door de ontwikkelcombinatie Hebema II B.V. ten behoeve van de ontwikkeling van het LPM. Ontwikkelaar Hebema II B.V. heeft de gemeente verzocht de kettingbedingen te schrappen.
De oorspronkelijke bedoeling van de kettingbedingen worden grotendeels teniet gedaan door de ontwikkeling van het LPM, waardoor de kettingbedingen overbodig zijn geworden. De kettingbedingen zien toe op het verplicht plaatsen van een perceelscheiding, het gebruik van de grond als landbouwgrond en het verbod op wijzigen van de bestemming. Tevens vormen deze een financieel risico voor de ontwikkelaar in de vorm van boetes of nabetaling.
In overleg met team FJZ is voorgesteld om onder 3. Onbezwaarde levering. Bijzondere lasten / beperkingen de artikelen 7, 9 & 10 volledig te schrappen en artikel 11 aan te passen, zodat deze enkel verwijst naar artikel 8. Zodat artikel 8 ook na de ontwikkeling van het LPM nog van toepassing blijft. Indien de betreffende kettingbedingen, genoemd in artikel 7 en 9 niet verwijderd worden, wordt het perceel na de ontwikkeling van LPM onnodig verzwaard.