Begroting 2020 en meerjarenbeleidsplan 2019 - 2022 ‘Agenda van de Toekomst’ GGD West-Brabant

Het college besluit:
De raad voor te stellen:

  1. In te stemmen met het indienen van onderstaande gezamenlijke regionale zienswijze op de ontwerp beleidsbegroting 2020 en het meerjarenbeleidsplan 2019 - 2022 ‘Agenda van de Toekomst’ van de GGD West-Brabant.
    De Raad gaat ervan uit, dat de GGD:
    1. Haar bestuur de begroting laat vaststellen met inachtneming van de zienswijze. De raad wordt via een verantwoording geïnformeerd aan welke onderdelen van zijn zienswijze is tegemoetgekomen en aan welke onderdelen niet en waarom;
    2. De Agenda van de Toekomst 2019 – 2022 als meerjarenbeleidskader volgt waarbij de uitvoering ervan binnen de bestaande middelen gebeurt, de GGD alert is op haar rol binnen ketenaanpakken en aansluiting op lokale wensen nastreeft.
      De raad vindt deze agenda een goed richtinggevend stuk;
    3. Met betrekking tot de JGZ:
      1. Per gemeente aangeeft welke activiteiten in het kader van Lokaal verbinden in 2020 worden uitgevoerd. De eerder afgesproken marge van 10% van het totale JGZ-budget mag niet overschreden worden. Tevens is sprake van transparantie in af te nemen producten en geldt als uitgangspunt dat iedere gemeente samen met de GGD keuzes in activiteiten maakt. Per 2020 is helder aan welke lokale overlegstructuren de GGD deelneemt en is zicht op de samenwerkingspartners;
      2. Inzichtelijk maakt welke inspanningen zij in samenwerking met Careyn en TWB levert, opdat de vaccinatiegraad in West-Brabant zo hoog mogelijk is. De GGD neemt in haar begroting op wat zij aantoonbaar extra doet, maakt dit inzichtelijk per gemeente en informeert gemeenten over de inzet en het resultaat;
        c. Spoedig duidelijkheid  biedt over de vraag of de JGZ 4 – 18 jarigen tot 18 jaar is of tot en met 18 jaar. Tevens laat de GGD het AB een definitief besluit nemen of bij de bepaling van de kindaantallen gebruik gemaakt wordt van GBA-gegevens of van CBS-gegevens;
    4. In de evaluatie van het voor 2018 - 2019 toegekende extra budget voor de intensivering Infectieziektebestrijding duidelijk aantoont dat de eerder door het AB akkoord bevonden structurele verhoging van € 150.000,- per 2020 absoluut noodzakelijk is;
    5. M.b.t. RUPS inzicht geeft in het bedrag dat via de landelijke regeling wordt verworven. De inzet van deze subsidie wordt voorgelegd aan het AB, aan de hand van twee scenario’s. In scenario 1 is het landelijke budget taakstellend en wordt duidelijk gemaakt welke risico’s gemeenten en doelgroepen lopen door geen extra middelen beschikbaar te stellen. Scenario 2 kent als onderdelen trajectbegeleiding, inzet van een jobhunter en een SOA-spreekuur in De Markiezaten; de begroting geeft inzicht in de mate waarin naast het landelijke budget gebruik gemaakt wordt van de maximale bijdrage van € 150.000,- waarmee het AB in zijn overleg van 24 januari 2019 heeft ingestemd;
    6. Samen met de gemeenten werkt aan verdere optimalisering van de prestatie-indicatoren zoals deze in de beleidsbegroting in beeld zijn gebracht. De GGD neemt het initiatief tot een werkgroep die de huidige indicatoren onder de loep neemt;
    7. Vanaf de Beleidsbegroting 2021:
      1. Het financiële kengetal ‘Structurele exploitatieruimte’ opneemt;
      2. Inzicht geeft in hoe het meerjarenperspectief structureel in evenwicht is door een uitvoerigere verschillenanalyse vanaf de jaarrekening 2019 en verdere jaren op te nemen;
      3. Per product/programma aangeeft “wat er wordt gedaan” en “wat het gaat kosten”;
      4. Jaarlijks de risico’s t.b.v. benodigde weerstandcapaciteit actualiseert;
      5. De prestatie-indicatoren en deelnemersbijdrage meerjarig in de begroting opneemt, zodat een beeld ontstaat van de ontwikkeling en hier op gestuurd kan worden;
    8. Ervoor zorgt dat de begroting vanaf 2021 voldoet aan de gestelde eisen in het BBV. In vergelijking met 2019 is met de begroting 2020 al een grote stap voorwaarts gezet.
  2. De bijdrage aan de GGD conform voorgestelde begroting 2020  vast te stellen voor de gemeentelijke begroting 2020 ter hoogte van  € 796.745 en deze op te nemen in de concept-meerjarenbegroting 2020-2023 van de gemeente.

Voor de uitvoering van de taken uit de Wet publieke gezondheid is een gemeenschappelijke regeling opgericht. Ieder jaar wordt een ontwerpbegroting door het Dagelijks bestuur (DB) opgemaakt.
Aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten wordt gevraagd voor 30 juni 2019 hun zienswijzen op de ontwerpbegroting 2020 en het Meerjarenbeleidsplan 2019 – 2022 te geven.
In navolging van de vorige jaren is voor begrotingsjaar 2020 wederom een kadernota opgesteld en aangeboden aan de gemeenten. Op 16 maart jl. zijn voor raadsleden infobijeenkomsten georganiseerd om een toelichting te krijgen en vragen te stellen over de kadernota. Vervolgens heeft het Algemeen Bestuur van de GGD op 27 maart jl. ingestemd met de kadernota 2020.
De voorliggende ontwerp beleidsbegroting 2020 past binnen deze kaders. De bijdrage voor 2020 voor de gemeente Moerdijk bedraagt € 796.745 (2019: € 768.151). Dit betekent een verhoging van de bijdrage van € 28.594 ten opzichte van 2019. Dit komt met name door de in de begroting 2020 voorgestelde indexering voor loon- en prijsontwikkeling van 2,47%.
Er is een gezamenlijke regionale zienswijze opgesteld die bij het Dagelijks Bestuur van de GGD West-Brabant naar voren wordt gebracht. De raad gaat er vanuit dat het bestuur de begroting en het meerjarenbeleidsplan vaststelt met inachtneming van deze zienswijze en dat de raad hierover wordt geïnformeerd. Het Algemeen Bestuur van de GGD West-Brabant zal op 4 juli 2020 besluiten over de ontwerpbegroting 2020 en het meerjarenbeleidsplan 2019 - 2022.