Éénmalige compensatie thuiswerken personeel 2020.

Het college besluit:

  1. In te stemmen met het toekennen van een éénmalige compensatie thuiswerken 2020 aan werk-nemers die na 12 maart 2020 in dienst zijn gekomen. De compensatie vult aan tot het niveau van de oorspronkelijke reiskostenvergoeding woon-werkverkeer.In te stemmen met het toekennen van een éénmalige compensatie thuiswerken 2020 aan werk-nemers die na 12 maart 2020 in dienst zijn gekomen. De compensatie vult aan tot het niveau van de oorspronkelijke reiskostenvergoeding woon-werkverkeer.
  2. In te stemmen met het toekennen van een éénmalige compensatie thuiswerken 2020 ad. € 273 (naar rato dienstverband) aan medewerkers zonder reiskostenvergoeding woon-werk vanwege wonen-werken in dezelfde plaats.
  3. De compensatie aan te wijzen als werkkosten in de vrije ruimte WKR.
  4. In te stemmen onder voorbehoud van overeenstemming met het Lokaal Overleg.

Veel werknemers moeten, als gevolg van door de overheid opgelegde maatregelen om het corona-virus tegen te gaan, thuiswerken. Op basis van een ‘vrijstelling’ van de belastingdienst is de vaste reiskostenvergoeding woon-werkverkeer en uitruil reiskosten woon-werkverkeer aan ‘zittend’ personeel ongewijzigd doorbetaald, dus ook over de thuiswerkdagen. Dit als compen-satie voor het thuiswerken. Een deel van de werknemers heeft echter geen reiskostenvergoe-ding ontvangen of een lagere reiskostenvergoeding door het aanscherpen van de vrijstelling voor werknemers die na 12 maart 2020 in dienst zijn gekomen. Om de ongelijkheid tussen deze groepen te verminderen is het voorstel om voor deze groepen werknemers dit jaar een één-malige tegemoetkoming in de kosten van thuiswerken uit te betalen. Dit uit oogpunt van goed werkgeverschap en op basis van de hardheidsclausule in de cao-gemeenten (onevenredig nadeel voor de werknemer).