Besluitenlijst B&W vergadering 21 maart 2017

Details van de vergadering
Besluitenlijst B&W vergadering
Datum: 21 maart 2017
Locatie: Gemeentehuis, kamer 1.59

Agendapunten

  1. Vaststelling besluitenlijst van de benw-vergadering van 14 maart 2017

    Het college besluit:
    De besluitenlijst ongewijzigd vast te stellen.

  2. Verzoek voor het bouwen van 5 rijwoningen tussen Kadedijk 78-84 in Fijnaart

    Het college besluit

    1. In principe medewerking te verlenen voor het bouwen van 5 rijwoningen tussen Kadedijk 78-84 in Fijnaart, mits door een goede ruimtelijke onderbouwing wordt aangetoond dat het plan inderdaad op alle wettelijke aspecten ruimtelijk acceptabel is;
    2. In principe medewerking te verlenen voor het aanpassen van de openbare ruimte voor het realiseren van extra parkeerplaatsen ten behoeve van de 5 rijwoningen en de kosten en eventuele overige kosten hiervan in rekening te brengen bij de ontwikkelaar.
    3. In principe medewerking verlenen voor het bouwen van 5 rijwoningen tussen Kadedijk 78-84 in Fijnaart, mits wordt aangetoond dat het plan voldoet aan de door de gemeente gestelde kwaliteitseisen aan nieuwbouwwoningen, op de aspecten:
      1. levensloopbestendigheid (Woonkeur basispakket A),
      2. duurzaamheid (GPR-score van een 7,5 op de thema's milieu, gezondheid, gebruikskwaliteit en toekomstwaarde en een 8 op het thema energie;
      3. en veiligheid (Politie Keurmerk Veilig Wonen);
    4. De vrij op naam prijs per woning vast te stellen op maximaal € 175.000,=.


    Er is een verzoek ingediend voor het bouwen 5 rijwoningen aan tussen de Kadedijk 78 en 84 in Fijnaart. Het college heeft besloten om principe medewerking te verlenen, mits door een goede ruimtelijke onderbouwing wordt aangetoond dat het plan inderdaad op alle wettelijke aspecten ruimtelijk acceptabel is.

  3. Principebesluit voor de vestiging van een loonwerkbedrijf aan de Schansdijk 5 te Zevenbergen

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van het verzoek voor de vestiging van een loonwerkbedrijf aan de Schansdijk 5 te Zevenbergen;
    2. In principe medewerking te verlenen aan een wijziging van het bestemmingsplan voor dit perceel, op voorwaarde dat de initiatiefnemer in een ruimtelijke onderbouwing aantoont:
      1. te passen binnen de visie buitengebied;
      2. dat het bedrijf, gelet op de aard en invloed op de omgeving geacht kan worden te behoren tot bedrijfscategorie 2;
      3. dat de ontwikkeling geen onaanvaardbare extra druk op de ontsluitingswegen met zich meebrengt;
      4. de landschappelijke kwaliteitsverbetering verder wordt uitgewerkt;
      5. een dialoog is gevoerd met de omgeving, waarvan de resultaten in de onderbouwing worden opgenomen.
    3. Een overeenkomst te sluiten met de initiatiefnemer op basis waarvan de risico's voor de ontwikkeling door de initiatiefnemer worden gedragen.

    Aan de Schansdijk 5 te Zevenbergen zit V.O.F. Landbouw en Loonwerkbedrijf J.C. Lokers. Dit bedrijf is al geruime tijd, in strijd met de bestemming van het perceel, op deze locatie gevestigd. In het verleden is al enkele keren geprobeerd het bedrijf op deze locatie te legaliseren. Dit is om verschillende redenen steeds niet gelukt. Het bedrijf heeft de wens een nieuwe loods te bouwen voor het loonwerkbedrijf. Om dit mogelijk te maken, is het noodzakelijk het bedrijf eerst te legaliseren. Besloten wordt om middels een wijziging van het bestemmingsplan in principe medewerking te verlenen aan het principeverzoek, onder voorbehoud dat voldaan kan worden aan de gestelde voorwaarden. De initiatiefnemer wordt gevraagd een bestemmingsplan aan te leveren, waarin wordt aangetoond dat het verzoek past binnen de Visie Buitengebied. In het bestemmingsplan zal de landschappelijke kwaliteitsverbetering verder uitgewerkt moeten worden en zal voldoende aandacht besteed moeten worden aan de verkeerstoename als gevolg van de ontwikkeling. Tot slot moeten de resultaten van de dialoog met de omgeving in de onderbouwing opgenomen worden. De risico's voor de ontwikkeling worden door de initiatiefnemer gedragen op basis van een te sluiten overeenkomst.

  4. Subsidie stichting leergeld 2017

    Het college besluit:

    1. Stichting Leergeld Noord-West Brabant voor 2017 een jaarsubsidie van € 5.000,- te verlenen voor reguliere ondersteuning aan hun doelgroep.
    2. Stichting Leergeld Noord-West Brabant een subsidie verlenen van € 12.000,- voor het schoolstartpakket voor het schooljaar 2017/2018.
    3. De subsidies onder punt 1 en 2 ten laste brengen van het budget Armoedebeleid 6614400/43710.

    Stichting Leergeld Noord-West Brabant heeft een verzoek ingediend voor subsidieverlening over het jaar 2017. Stichting Leergeld komt in aanmerking komt voor een jaarsubsidie over het jaar 2017. Er wordt een bedrag verstrekt voor de reguliere ondersteuning aan hun doelgroep en een bedrag voor de uitvoering van het schoolstartpakket.

  5. Besluitvorming over doorontwikkeling RWB

    Het college besluit:

    1. Inhoudelijk in te stemmen met de volgende gevraagde besluiten door het Dagelijks Bestuur van de RWB over de doorontwikkeling:
      1. De samenwerking in de Gemeenschappelijke Regeling Regio West‐Brabant te richten op economisch‐ruimtelijke structuurversterking.
      2. Als pijlers van deze structuurversterking op regionale schaal economische zaken, arbeidsmarktbeleid, mobiliteit en ruimtelijke ontwikkeling aan te merken.
      3. De governance (bestuurlijke organisatie) van het samenwerkingsverband Regio West‐Brabant te wijzigen in:
        1. Een dagelijks bestuur (strategisch beraad RWB) dat bestaat uit een voorzitter, de vier voorzitters van de vaste adviescommissies en ca. drie gemeentelijke bestuurders die hun deskundigheid, netwerk en tijd willen inzetten voor de topsectoren. Dit wordt indien nodig nog aangevuld om geografische spreiding en deelname van grote en kleine gemeenten te bewerkstelligen.
        2. Een algemeen bestuur waarin alle gemeenten vertegenwoordigd zijn en een gelijke stem hebben. Bij niet‐financiële onderwerpen geldt een normale meerderheid van 10 gemeenten. Voor een besluit over financiële onderwerpen is een meerderheid van 10 gemeenten, die meer dan de helft van de inwoners representeren, nodig.
        3. Vier vaste adviescommissies: economische zaken, arbeidsmarktbeleid, mobiliteit en ruimtelijke ontwikkeling.
        4. Het O&O‐fonds vanaf 2018 alleen in te zetten voor de economisch‐ruimtelijke activiteiten van RWB of derden.
        5. Ten aanzien van andere taken dan de economisch‐ruimtelijke en uitvoeringsgerichte taken het volgende af te spreken:
          1. De colleges één maal per vier jaar in RWB‐verband te laten besluiten over andere "collectieve taken" van RWB dan de economisch‐ruimtelijke en de uitvoerings-gerichte taken. Dit zijn taken die in het belang van alle gemeenten worden verricht.
          2. Te bepalen dat een meerderheid van 2/3 van de gemeenten (=13) die samen meer dan 2/3 van het aantal inwoners vertegenwoordigen, belang moet hechten aan uitvoering van de voorgestelde collectieve taak. De kosten van een collectieve taak worden dan aan alle gemeenten doorberekend.
          3. Te bepalen dat "facultatieve" taken bij aanvang of tijdens een collegeperiode ondergebracht kunnen worden bij RWB. De kosten zijn voor rekening van de betreffende deelnemende gemeenten.
        6. Het dagelijks bestuur opdracht te geven de implementatie van de beslispunten 1 tot en met 5 voor te bereiden, zodat de vernieuwde GR er bij aanvang van de nieuwe raadsperiode staat.
    2. Tijdens de vergadering van het Algemeen Bestuur van de RWB de inhoudelijke overeenstemming over de gevraagde besluiten te communiceren (al dan niet door middel van een stemming)
    3. In te stemmen met een thematische bijeenkomst van het college, ondersteund door ambtenaren, om de strategische inzet te bepalen vanuit Moerdijk binnen de vernieuwde RWB, en om een visie te ontwikkelen op de stappen die binnen de RWB worden gezet. De bijeenkomst wordt in het tweede kwartaal 2017 georganiseerd.

    Om de slagkracht van de gemeenschappelijke regeling Regio West-Brabant (verder RWB) te vergroten wordt een doorontwikkeling van de organisatie voorgesteld. Een nadrukkelijkere focus op een beperkt aantal taken is hierbij het uitgangspunt. Hiertoe is een notitie opgesteld, 'Samen sterk voor werk in West-Brabant'. De focus van de werkzaamheden van de RWB komt te liggen op de economisch-ruimtelijke structuurversterking. Concreet betekent dit dat de RWB zich richt op vier pijlers, te weten economische Zaken, arbeidsmarktbeleid, mobiliteit en ruimtelijke ontwikkeling. Ook de inzet van het O&O fonds beperkt zich tot het economisch-ruimtelijk terrein. Ten aanzien van een aantal uitvoerende werkzaamheden wordt voorgesteld om op natuurlijke momenten een besluit te nemen over het al dan niet blijven uitvoeren van deze activiteiten door de RWB. Verder is het de bedoeling dat eenmaal per vier jaar een besluit genomen wordt over het collectief laten uitvoeren van andere taken in RWB-verband. Bij een positief besluit is dan tevens een verplichte financiering aan de orde. Daarnaast wijzigt de governance van de RWB. Er zal worden gewerkt met een Dagelijks Bestuur bestaande uit een voorzitter, de voorzitters van de adviescommissies en drie bestuurders die zich in willen zetten voor de topsectoren. Indien nodig kan dit verder worden uitgebreid om geografische spreiding en verdeling tussen grotere en kleinere gemeenten te bewerkstelligen. Over het voorstel dient tijdens de vergadering van het Algemeen Bestuur van de RWB een besluit te worden genomen. Het college wordt geadviseerd om met de voorstellen in te stemmen. Bovendien wordt het college gevraagd om in te stemmen met een thematische bijeenkomst van het college om de inzet van Moerdijk ten aanzien van de RWB te bepalen.

  6. Inzet middelen collectieve preventie GGZ in 2017

    Het college besluit:
    1. De gemeente Bergen op Zoom in 2017 een bedrag van € 2.317 beschikbaar te stellen voor de regionaal uit te voeren gastlessen Ben jij Gek?! door GGZ WNB en Novadic-Kentron.
    2. De gemeente Bergen op Zoom te mandateren tot het verlenen en vaststellen van de subsidie voor de uitvoering van de gastlessen Ben jij Gek?! in 2017.
    3. Een budget van € 9.000 te reserveren voor deelname vanuit de gemeente Moerdijk aan lotgenotengroep Kopp/KVO en de Brussengroep in de gemeente Roosendaal
    4. Indigo Brabant een bedrag van maximaal € 8.000,- beschikbaar te stellen voor de uitvoering van activiteiten uit het aanbod collectieve preventie GGZ 2017 in Moerdijk.


    Voor de uitvoering van de collectieve preventie GGZ in de gemeente Moerdijk wordt in 2017 aan een aantal organisaties subsidie verstrekt. De gemeente Bergen op Zoom ontvangt voor de uitvoering van de gastlessen Ben jij Gek?! op de diverse scholen voor voortgezet onderwijs in de regio een bedrag van € 2.317. Er wordt een budget gereserveerd van € 9.000 voor deelname van kinderen en jongeren (8-18 jaar) vanuit de gemeente Moerdijk aan Kopp/KVO en de Brussengroep georganiseerd in de gemeente Roosendaal. Kopp/KVO is een doe- praatgroep en lotgenotengroep voor Kinderen van ouders met psychische problemen of verslaafde ouders. De Brussengroep is gericht op broers en zussen van kinderen met psychische problemen. Aan Indigo Brabant wordt maximaal een bedrag van € 8.000,- ter beschikking gesteld voor de uitvoering van het activiteitenplan. Dit betreft met name activiteiten op het vlak van depressiepreventie. 

  7. Regionaal Educatieve Agenda vo regio 30-02, januari 2017 - juli 2020

    Het college besluit:

    1. In te stemmen met de tweede Regionaal Educatieve Agenda (REA) voortgezet onderwijs (vo) regio 30-02 voor de periode januari 2017 tot en met juli 2020
    2. Ter uitvoering van de REA in te stemmen met het voortbestaan van de stuurgroep REA en dit te formaliseren in een convenant.
    3. Volmacht te verlenen aan wethouder Zwiers om de intentieverklaring namens het college te ondertekenen.
    4. De gemeenteraad door middel van de raadsinformatiebrief te informeren over dit besluit.


    Het college van de gemeente Moerdijk heeft, evenals de colleges van de gemeenten Halderberge en Roosendaal en de schoolbesturen vertegenwoordigd in het Samenwerkingsverband voortgezet onderwijs Roosendaal, ingestemd met een tweede Regionaal Educatieve Agenda (REA) voor het vo, voor de periode januari 2017 tot en met juli 2020. De taken van het onderwijs en gemeentes zijn de laatste jaren ingrijpend veranderd. Onderwijs en gemeentes moeten, gezien de raakvlakken tussen hun verantwoordelijkheden en taken, afspraken maken op welke onderwerpen en hoe zij samen werken als het gaat om jeugdigen. Dit doen zij op lokaal niveau, per gemeente. Maar zeker voor jongeren van wie de leefwereld over de grenzen van de eigen woonplaats gaat (zoals bij leerlingen in het voortgezet onderwijs) is samenwerking op regionaal niveau nodig. Net als in de voorgaande REA (2014-2016) is het hoofdthema de verbinding van de zorg/ondersteuning voor leerlingen in het kader van passend onderwijs en deze ondersteuning binnen het sociaal domein. De visie en de ambities op samenwerking zijn vertaald in een beleidsagenda (REA). De agenda kent negen thema's, waarmee de partners de komende periode met elkaar aan de slag gaan, te weten:

    1. Verbeteren van de instroom van kinderen die vanuit een schakelklas instromen in het voortgezet onderwijs, zodat anderstalige kinderen zo snel mogelijk onderwijs kunnen volgen op hun niveau.
    2. Het organiseren van een jaarlijkse bijeenkomst voor het uitwisselen van good practices en het uitreiken van een stimuleringsprijs, zodat datgene wat goed gaat indien nodig verankerd kan worden in beleid.
    3. Verbeteren aansluiting preventief aanbod en basisondersteuning onderwijs, zodat al in een vroegtijdig stadium onderwijs en gemeentes samenwerken om problemen te voorkomen.
    4. Toewerken naar een arrangement voor zorgintensieve kinderen, zodat er ook voor kinderen die een combinatie nodig hebben van speciaal onderwijs en intensieve zorg er sprake is van een passend aanbod.
    5. Verbeteren van doorzettingsmacht zodat er snel opgetreden kan worden, ook bij complexiteit of onduidelijkheid van de problematiek.
    6. Verbeteren van samenwerking zowel op casus- als op beleidsniveau ten behoeve van de doelgroep op het snijvlak onderwijs, jeugdhulp, dagbesteding en arbeidsparticipatie, zodat jongvolwassenen soepele overgangen kunnen maken van onderwijs naar dagbesteding of arbeid.
    7. Evaluatie van het thuiszittersprotocol, zodat de huidige werkwijze indien nodig verbeterd kan worden en er sprake is van één protocol in de regio.
    8. Verwachtingen tussen jeugdprofessionals en zorgcoördinatoren worden beter afgestemd, zodat samenwerking volgens alle partijen verloopt zoals gewenst.
    9. De ontwikkelingen in het REA gebied sluiten beter aan op bovenregionale beleidsontwikkelingen, zodat er inzicht is in de beleidsontwikkelingen op de verschillende niveaus en er op de juiste wijze input meegegeven of opgehaald kan worden.

    De inhoud van de samenwerking is vastgelegd in de REA. De wijze van samenwerking wordt formeel vastgelegd in een convenant, getekend door de drie gemeenten en het samenwerkingsverband. De feestelijke ondertekening vindt plaats op 27 maart as.

  8. Ondertekening convenant Doyo "Tijgers op recept"

    Het college besluit:

    1. Het samenwerkingsconvenant Doyo Tijgers aan te gaan;
    2. Gymzalen de eerste 10 weken van de start van een Tijgergroep beschikbaar te stellen als bij een andere partij geen gymzaal beschikbaar is;
    3. Wethouder Schoneveld te mandateren om het convenant namens de gemeente Moerdijk te ondertekenen.

    Doyo is een sportaanbieder in Gemeente Moerdijk die subsidie heeft gekregen vanuit Sportimpuls. De Sportimpuls is een subsidieregeling die lokale sport- en beweegaanbieders financieel ondersteunt bij de opzet van activiteiten die ze ondernemen om meer mensen langdurig te laten sporten en bewegen. Doyo heeft subsidie toegekend gekregen om twee jaar lang het programma "Tijgers op recept" uit te kunnen voeren in gemeente Moerdijk. Het programma richt zich op kinderen tussen de 2 en 4 jaar oud met overgewicht en op hun ouders/verzorgers. Kinderen met overgewicht worden, bijvoorbeeld door het consultatiebureau, doorverwezen naar de Tijgerlessen. Tijdens de Tijgerlessen maken de kinderen kennis met een combinatie van dans en budo. De ouders kunnen meedoen aan de lessen en ontvangen daarnaast opvoedondersteuning over verschillende zaken. Gemeente Moerdijk ondersteunt Doyo Tijgers door te communiceren over dit project. Met kindercentra de Roef is afgesproken dat deze organisatie voor de benodigde accommodaties zorgt. Mocht de Roef hier niet toe in staat zijn doordat de locatie van de Roef niet beschikbaar is, dan worden de gemeentelijke gymzalen beschikbaar gesteld voor het project.

  9. Verzoek beantwoording vragen DB RWB m.b.t. Versnellingsagenda West-Brabant

    Het college besluit:
    In te stemmen met de concept-beantwoordingsbrief aan het DB van de RWB

    Medio 2016 hebben Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant de notitie 'Sterk Brabants Netwerk' vastgesteld. De provincie wil met alle 'netwerken' in gezamenlijkheid de opgaven die zowel in het provinciaal als regionaal belang zijn aanpakken door de agenda's meer met elkaar te verweven. De provincie wil daartoe afspraken maken met de vier regio's en de verschillende streeknetwerken.
    De afspraken met de vier regio's wil de provincie vastleggen in een zogenaamde 'Versnellings-agenda'. Het betreft dus afspraken tussen de provincie en regio West-Brabant, niet de GR RWB. De provincie wil als gesprekspartner/aanspreekpunt voor de agenda in principe een triplex helixorganisatie voor de regio West-Brabant om op die wijze een breed draagvlak te verkrijgen.
    Op 4 april 2017 is een netwerkbijeenkomst gepland voor de colleges van alle West-Brabantse gemeenten. Op de agenda staat het bespreken van de concept-Versnellingsagenda met  Gedeputeerde Staten. Ter voorbereiding op deze bijeenkomst wordt het college gevraagd om uiterlijk 24 maart a.s. aan het Dagelijks Bestuur van de RWB het navolgende te laten weten:

    1. Is het doel en de reikwijdte van de Versnellingsagenda duidelijk(er) geworden?;
    2. Voor welke opgaven is een bestuurder vanuit uw college eventueel bereid om als bestuurlijk trekker op te treden en zich samen met de betreffende bestuurder vanuit GS en andere partijen in te zetten voor het realiseren van het 'duwtje';
    3. Bij welke opgaven is het gemeentelijk belang zodanig groot dat uw college bereid is de intentie uit te spreken om voor die West-Brabantse opgave ook eigen middelen in te willen zetten?