Besluitenlijst B&W vergadering 07-03-2017 07 maart 2017

Details van de vergadering
Besluitenlijst B&W vergadering 07-03-2017
Datum: 07 maart 2017
Locatie: Gemeentehuis, kamer 1.59
Aanwezig:
J.P.M. Klijs  burgemeester
J.J. Kamp wethouder
E. Schoneveld  wethouder
Drs. T.H.R. Zwiers wethouder
Drs. F.P. Fakkers wethouder (ochtend)
P.A.M. van Bavel gemeentesecretaris (ochtend)
Drs. M.J.A. Hiel communicatieadviseur
Afwezig:
Drs. F.P. Fakkers wethouder (middag)
P.A.M. van Bavel gemeentesecretaris (middag)

Agendapunten

  1. Vaststelling besluitenlijst van de benw-vergadering van 21 februari 2017

    Het college besluit:
    De besluitenlijst ongewijzigd vast te stellen.

  2. Vaststelling vertrouwelijke besluitenlijst van de benw-vergadering van 21 februari 2017

    Het college besluit:
    De vertrouwelijke besluitenlijst ongewijzigd vast te stellen.

  3. Beantwoording B-stuk inzake rubber ingestrooid kunstgrasveld

    Het college besluit:
    In te stemmen met de brief aan VV Virtus met de mededeling dat spelen en sporten op
    rubber ingestrooide kunstgrasvelden veilig is.

    Voetbalvereniging VV Virtus uit Zevenbergen heeft naar aanleiding van een uitzending van Zembla op 5 oktober 2016 op eigen initiatief het kunstgrasveld gesloten. Tijdens deze uitzending werd gemeld dat er mogelijke gezondheidsrisico's zouden zijn bij het spelen op kunstgrasvelden die zijn ingestrooid met rubbergranulaat. VV Virtus heeft intern de beslissing genomen om per direct het kunstgrasveld te sluiten. Naar aanleiding van dit besluit zijn er tijdelijke maatregelingen getroffen tussen de rentmeester en de vereniging om te kunnen voldoen aan de benodigde trainingscapaciteit. Er is altijd duidelijk gecommuniceerd naar de vereniging over het gebruik van het kunstgrasveld. Gemeente Moerdijk heeft van begin af aan aangegeven achter het standpunt van KNVB en RIVM te staan en de uitslag van het onderzoek van RIVM te respecteren. Inmiddels zijn de onderzoeksresultaten bekend en is er geen relatie tussen gezondheid en spelen/ sporten op rubber ingestrooide kunstgrasvelden.

  4. Het nemen van een beslissing op bezwaar naar aanleiding van het bezwaarschrift namens de stichting Klieuw van de heer Manneke tegen de verhoging van de havengelden per 2016 in de gemeente Moerdijk.

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van het bezwaarschrift van de stichting Klieuw d.d. 27 maart 2016,
    2. Kennis te nemen van het advies van de vaste commissie van advies voor bezwaarschriften van de gemeente Moerdijk d.d. 2 juni 2016,
    3. Het bezwaarschrift als niet-ontvankelijk te verklaren.

    Op 20 oktober 2015 heeft het college van burgemeester en wethouders besloten tot vaststelling van de tarieventabel havengelden voor 2016. Hierover zijn de ligplaatshouders op 29 oktober 2015 per bief ingelicht. De heer Manneke van de stichting Klieuw heeft op 27 maart 2016 hierop bezwaar aangetekend. Conform het advies van de bezwaarschriftencommissie heeft het college besloten om het bezwaarschift niet-ontvankelijk te verklaren.

  5. Het nemen van een beslissing op bezwaar naar aanleiding van het bezwaarschrift van Kneppelhout Korthals advocaten namens de heer Birkhof tegen de verhoging van de havengelden per 2016 in de gemeente Moerdijk.

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van het bezwaarschrift van Kneppelhout Korthals advocaten d.d. 22 maart 2016,
    2. Kennis te nemen van het advies van de vaste commissie van advies voor bezwaarschriften van de gemeente Moerdijk d.d. 2 juni 2016,
    3. Het bezwaarschrift als niet- ontvankelijk te verklaren.

    Op 20 oktober 2015 heeft het college van burgemeester en wethouders besloten tot vaststelling van de tarieventabel havengelden voor 2016. Hierover zijn de ligplaatshouders op 29 oktober 2015 per bief ingelicht. Kneppelhout Korthals advocaten heeft op 22 maart 2016 hierop bezwaar aangetekend namens de heer Birkhoff. Conform het advies van de bezwaarschriften-commissie heeft het college besloten om het bezwaarschift niet-ontvankelijk te verklaren.

  6. Het nemen van een beslissing op bezwaar naar aanleiding van het bezwaarschrift van de heer de Jong namens de stichting Zeilschip Bierkaai tegen de verhoging van de havengelden per 2016 in de gemeente Moerdijk.

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van het bezwaarschrift van de stichting Zeilschip Bierkaai door de heer J. de Jong d.d. 4 maart 2016,
    2. Kennis te nemen van het advies van de vaste commissie van advies voor bezwaarschriften van de gemeente Moerdijk d.d. 2 juni 2016
    3. Het bezwaarschrift als niet-ontvankelijk te verklaren

    Op 20 oktober 2015 heeft het college van burgemeester en wethouders besloten tot vaststelling van de tarieventabel havengelden voor 2016. Hierover zijn de ligplaatshouders op 29 oktober 2015 per bief ingelicht. De heer de Jong van de stichting Zeilschip Bierkaai heeft op 4 maart 2016 hierop bezwaar aangetekend. Conform  het advies van de bezwaarschriftencommissie heeft het college besloten om het bezwaarschift niet-ontvankelijk te verklaren.

  7. Het nemen van een beslissing op bezwaar naar aanleiding van het bezwaarschrift van de heer Graafmans tegen de verhoging van de havengelden per 1 januari 2017 de gemeente Moerdijk.

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van het bezwaarschrift van de heer Graafmans d.d. 18 november 2016,
    2. Kennis te nemen van het advies van de vaste commissie van advies voor bezwaarschriften van de gemeente Moerdijk d.d. 6 december 2016,
    3. Het bezwaarschrift als niet-ontvankelijk te verklaren.

    Op 14 juni 2016 heeft het college van burgemeester en wethouders in de collegevergadering besloten om de havengelden voor 2017 te verhogen. Meneer Graafmans heeft op 18 november 2016 hierop bezwaar aangetekend. Conform  het advies van de bezwaarschriftencommissie heeft het college besloten om het bezwaarschift niet-ontvankelijk te verklaren.

  8. Convenant Schoolveiligheid Markland College

    Het college besluit:
    In te stemmen met het Convenant Schoolveiligheid Voortgezet Onderwijs Oudenbosch en Zevenbergen.

    Een veilige schoolomgeving is een voorwaarde voor de optimale ontwikkeling van iedere leerling. Het gaat om de veiligheid rond de school, op het schoolplein, het schoolgebouw, de sfeer, omgangsvormen en de zorg voor leerlingen. Met name in het voortgezet onderwijs kan diverse problematiek zorgen voor objectieve en subjectieve onveiligheid. Om deze reden vinden de partijen het belangrijk om alles vast te leggen en elkaar hierop scherp te houden en aan te spreken.

  9. Beslissing op bezwaar van Rotterdam Nut Production

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van het advies van de commissie Bezwaarschriften;
    2. Conform het advies van de commissie Bezwaarschriften het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren.

    Op 14 juli 2016 besloot de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant namens het college van Moerdijk om een tweetal lasten onder dwangsom op te leggen aan Rotterdam Nut Production, gevestigd aan Graanweg 15 te Moerdijk vanwege overtredingen van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Conform het advies van de commissie Bezwaarschriften verklaart het college het bezwaarschrift niet-ontvankelijk. Er is namelijk alleen een bezwaarschrift zonder gronden ingediend.

  10. Project 175 Uitvoering fietsverbinding Zevenbergen-Moerdijk, afwijking van het inkoopbeleid; opdrachtverstrekking voor de grondverwerving en het opstellen inpassingsontwerp

    Het college besluit:
    Opdracht te verstrekken aan de Antea Group voor het opstellen van een inpassingsontwerp op basis van de offerte d.d. 16 februari 2017, kenmerk 415322 voor een bedrag van € 67.200,- (excl. BTW).

    Op 12 januari jl. heeft de gemeenteraad ingestemd met het voorkeurstracé voor de nieuwe
    fietsverbinding tussen de kernen Zevenbergen en Moerdijk en de voor de realisatie benodigde
    gelden. Het vervolgproces is gericht op grondverwerving, het uitwerken van het definitief
    inpassingsontwerp en het planologisch juridisch regelen van het gebruik en de aanleg. Na
    afronding hiervan vindt een openbare aanbesteding plaats voor realisatie. Voortvarende
    uitwerking is noodzakelijk om volgens planning en bestuurlijke wens op 1 maart 2018, de
    bekende schop de grond in zetten.

  11. Het nemen van een beslissing op bezwaar naar aanleiding van het bezwaarschrift van de heer J. A. van Sprang tegen de verhoging van de havengelden per 2016 in de gemeente Moerdijk.

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van het bezwaarschrift van de heer van Sprang d.d. 18 maart 2016
    2. Kennis te nemen van de aanvullende gronden voor bezwaar van de heer van Sprang d.d. 23 mei 2016
    3. Kennis te nemen van het advies van de vaste commissie van advies voor bezwaarschriften van de gemeente Moerdijk d.d. 2 juni 2016
    4. Het bezwaarschrift als niet- ontvankelijk te verklaren.

    Op 20 oktober 2015 heeft het college van burgemeester en wethouders besloten tot vaststelling van de tarieventabel havengelden voor 2016. Hierover zijn de ligplaatshouders op 29 oktober 2015 per bief ingelicht. De heer van Sprang heeft op 18 maart 2016 hierop bezwaar aangetekend. De heer van Sprang heeft op 23 mei 2016 aanvullende informatie toegezonden.
    Conform  het advies van de bezwaarschriftencommissie heeft het college besloten om het bezwaarschift niet-ontvankelijk te verklaren.

  12. Voorontwerp bestemmingsplan buitengebied

    Het college besluit:

    1. In te stemmen met het voorontwerp van het bestemmingsplan Buitengebied (NL.IMRO.1709.Buitengebied-BP20);
    2. Het voorontwerpbestemmingsplan na instemming door uw college in te zenden voor het vooroverleg ex. Artikel 3.1.1 Bro en gedurende 6 weken ter inzage te leggen ten behoeve van de inspraak;
    3. de Raad hierover te informeren middels een raadsinformatiebrief.

    Vanuit wettelijk oogpunt dient het geldende bestemmingsplan buitengebied geactualiseerd te worden. Dit proces is gestart met het in co-productie opstellen van de Visie buitengebied. Deze is in juli 2016 vastgesteld in de raadsvergadering. Het doel is om te komen tot een maatschap-pelijk gedragen bestemmingsplan buitengebied met een juridisch planologisch kader waarin de Visie buitengebied is verwerkt. In het proces van de actualisatie van het bestemmingsplan buitengebied is sprake van een hoog participatieniveau. Alle grondeigenaren in het grondge-bied zijn eind 2017 via een open planproces actief betrokken bij de totstandkoming van het bestemmingsplan. In de actualisatie van het bestemmingsplan buitengebied richt de gemeente zich op het juridisch vastleggen van de bestaande legale situatie met het meenemen van enkel kleinschalige ontwikkelingen met beperkte invloed op de omgeving. Denk hierbij aan het (onder voorwaarden) omzetten van voormalige agrarische bedrijfslocaties naar wonen of het omzetten van agrarische grond naar een tuinbestemming. Overige ontwikkelingen worden mogelijk gemaakt via separate procedures, met als inhoudelijke basis het vastgestelde 'dynamisch afwegingskader' zoals opgenomen in de Visie buitengebied.
    Het college besluit het voorontwerp bestemmingsplan 'Buitengebied' in procedure te brengen en de raad middels een raadsinformatiebrief te informeren. Na instemming van het college zal het voorontwerp ingezonden worden voor het vooroverleg ex. Artikel 3.1.1. Bro. Daarnaast wordt het plan gedurende 6 weken ter inzage gelegd ten behoeve van de inspraak. In deze periode zullen voor betrokkenen en belangstellenden twee informatiebijeenkomsten worden gehouden. Met de provincie wordt een overleg ingepland om de opzet, systematiek en regels van het bestemmingsplan nader toe te lichten en te bespreken.

  13. Nazorgonderzoek "Kwaliteit informatievoorziening via de (vernieuwde) website"

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van de rapportage nazorgonderzoek "Kwaliteit informatievoorziening via de (vernieuwde) website".
    2. De aanbevelingen uit het collegeonderzoek "Kwaliteit informatievoorziening via de (vernieuwde) website" uit 2012 als afgedaan te beschouwen.
    3. De Raad te informeren  over de resultaten van het nazorgonderzoek via een raadsinformatiebrief.

    Conform het onderzoeksprogramma is een nazorgonderzoek uitgevoerd naar de stand van zaken van de aanbevelingen uit het collegeonderzoek "Kwaliteit informatievoorziening via de (vernieuwde) website" uit 2012. Uit het nazorgonderzoek komt naar voren, dat 4 van de 5 aanbevelingen uit het onderzoek uitgevoerd zijn; 1 aanbeveling is niet meer van toepassing (aanbeveling 1: afstemmen beheerplan op regionale afspraken i.v.m. invoeren regionale PDC).
    Gelet hierop wordt voorgesteld om de aanbevelingen uit het collegeonderzoek "Kwaliteit informatievoorziening via de (vernieuwde) website" uit 2012, als afgerond te beschouwen.

  14. Uitvoeringsprogramma 2017 Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH)

    Het college besluit:

    1. Uitvoeringsprogramma 2017 VTH vast te stellen.
    2. Uitvoeringsprogramma 2017 VTH Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant vast te stellen.
    3. Uitvoeringsprogramma 2017 VTH ter kennisname aan de gemeenteraad voor te leggen
    4. Uitvoeringsprogramma 2017 VTH in het kader van het interbestuurlijk toezicht naar Gedeputeerde Staten sturen.

    Op grond artikel 7.3 van het Besluit omgevingsrecht (Bor) is het college van burgemeester en
    wethouders verplicht jaarlijks aan de hand van een vastgesteld handhavingsprogramma een
    uitvoeringsprogramma op te stellen waarin wordt aangegeven welke activiteiten in 2017 in het kader van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH-taken) worden uitgevoerd.
    Het uitvoeringsprogramma VTH 2017 is een uitwerking van het Vergunning-, Toezicht- en Handhavingsbeleid gemeente Moerdijk (VTH-programma) dat op 24 januari 2017 is vastgesteld.

  15. Concept 1e wijziging begroting GR Havenschap Moerdijk

    Het college besluit:
    De gemeenteraad voorstellen geen zienswijze in te brengen tegen de concept 1e wijziging van de begroting 2017 van de gemeenschappelijke regeling Havenschap Moerdijk.

    Het bestuur van de GR bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO) Havenschap Moerdijk heeft de concept 1e wijziging van de begroting 2017 toegestuurd. De gemeenteraad kan hierop een zienswijze geven. De wijziging is een gevolg van het verzelfstandigen van de bedrijfsactiviteiten naar het Havenbedrijf Moerdijk NV per 1 januari 2017. Op zich is het een splitsing van de eerder door de Raad van Bestuur van het Havenschap vastgestelde begroting, waarin nog geen rekening was gehouden met deze verzelfstandiging. Na vaststelling van deze wijziging zijn in de begroting alleen nog baten en lasten opgenomen verbonden aan de financieringstaak van de GR BVO aan de NV.

  16. Evaluatie en verlenging pilot beschut werk

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van de evaluatie beschut werk;
    2. In te stemmen om de pilot beschut werk te verlengen tot 1 juli 2017;
    3. In te stemmen om de bonus,  vanuit de rijksoverheid, van € 3.000,-, per geplaatste beschut werker per jaar, beschikbaar te stellen aan het Werkplein Hart van West-Brabant.

    Per 1 januari 2015 is de Participatiewet in werking getreden. Hierin zijn drie wetten opgegaan, namelijk de Wet Sociale Werkvoorziening (Wsw), Wet werk en ondersteuning jonggehandicapten (Wajong) en de Wet werk en bijstand (WWB). Instroom in de Wsw is vanaf 2015 niet meer mogelijk en instroom in de Wajong is enkel mogelijk wanneer iemand duurzaam arbeidsongeschikt is. Door de combinatie van deze drie wetten in één Participatiewet is er een nieuwe en bredere doelgroep voor de gemeenten bij gekomen. Dit betreft een kwetsbare groep mensen die een arbeidsbeperking hebben en daardoor extra ondersteuning nodig hebben om te participeren in de samenleving. Om deze nieuwe doelgroep te kunnen laten participeren zijn in de Participatiewet de nieuwe instrumenten indicatie banenafspraak en beschut werk opgenomen. Het gaat bij beschut werk om mensen die door hun lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking een zodanig hoge mate van (structurele) begeleiding of aanpassing van de werkplek nodig hebben, dat niet van een werkgever mag worden verwacht dat hij deze mensen in dienst neemt, ook niet met extra voorzieningen van gemeente. In het kader van de Bestuursopdracht Werkplan Participatiewet 2016 en de notitie 'Pilot beschut werken' ligt er de opdracht om het instrument beschut werk te evalueren. Begin 2016 is de notitie 'Pilot beschut werken' vastgesteld door de colleges van de 6 'Hart van West-Brabant'-gemeenten. Het afgelopen jaar is het Werkplein Hart van West-Brabant (hierna Werkplein) in samenwerking met WVS-Groep  aan de slag gegaan met het beschut werken.

  17. Doorontwikkeling Inloopfunctie in de gemeente Moerdijk 2017 (Wet maatschappelijke ondersteuning)

    Het college besluit:

    1. In te stemmen met het plan van aanpak van GGZ WNB voor de doorontwikkeling van de Inloopfunctie gedurende 2017 en hiervoor een subsidie beschikbaar te stellen van € 41.231,--
    2. 2. In te stemmen met het plan van aanpak van GGZ Breburg voor de doorontwikkeling van de Inloopfunctie gedurende 2017 en hiervoor een subsidie beschikbaar te stellen van € 41.440,--.


    Tot 1 januari 2015 werd de inloop GGZ gefinancierd vanuit de AWBZ-middelen. Bij de transitie AWBZ zijn de middelen voor de inloop GGZ deel gaan uitmaken van het budget voor de Wmo 2015. In 2015 zijn GGZ WNB en GGZ Breburg gestart met de ontwikkeling en realisatie van laagdrempelige inloopvoorzieningen voor kwetsbare burgers in de gemeente Moerdijk.
    De doelgroep van de inloopfunctie bestaat uit mensen met een sociale beperking/psychiatrische achtergrond (al dan niet in behandeling of begeleiding bij GGZ), mensen die vanwege psychiatrische en of sociale problematiek zijn verwezen door huisarts, algemeen maatschappelijke werk of andere zorg- en welzijnsinstanties en uit kwetsbare of eenzame burgers die behoefte hebben aan contact. De inloop is een vrijblijvende functie, dat betekent dat deelnemers geen indicatie of verwijzing nodig hebben en kunnen komen en gaan wanneer zij dat wensen. Het creëren van een veilige omgeving staat centraal en de begeleiding probeert de cliënt in eerste instantie op zijn gemak te stellen. Het doel is om deze mensen door middel van de inloopfunctie naar een hogere mate van zelfredzaamheid te begeleiden.
    De gemeente Moerdijk hecht er veel waarde aan om ook voor de meest kwetsbaren een gastvrije gemeente te zijn. Daarom is aan de beide in de gemeente werkzame GGZ-instellingen (WNB en Breburg) gevraagd proactief te werken aan activiteiten die ook bij de verdere ontwikkeling van beschermd wonen (vanaf 2020 de verantwoordelijkheid van de regiogemeenten en niet langer van een centrumgemeente) in de gemeente belangrijk zijn.

  18. Voorstel uitvoering plustaken jeugdgezondheidszorg 0-18 jaar in 2017 door de GGD West-Brabant en thuiszorg West-Brabant (TWB)

    Het college besluit:

    1. In te stemmen met het gezamenlijke voorstel van TWB en de GGD voor de uitvoering van de plustaken jeugdgezondheidszorg voor 0-18 jaar in 2017.
    2. De bepalingen uit de met TWB gesloten en voor 2017 verlengde overeenkomst "integrale Jeugdgezondheidszorg 2015-2016" voor de plustaken als herhaald en ingelast te beschouwen.
    3. Op grond van dit voorstel TWB als hoofdaannemer voor 2017 een bedrag van
      € 87.629 beschikbaar te stellen.
    4. Een bedrag van € 20.179 ten laste te laten komen van de begrotingspost Jeugd-gezondheidszorg (6715000/44200) en een bedrag van € 67.450 ten laste te laten komen van de begrotingspost CJG (6670500/44200).
    5. Thuiszorg West-Brabant en de GGD West-Brabant Thuiszorg West-Brabant per bijgaande beschikking op de hoogte te stellen van het besluit.

    Het college heeft ingestemd met het gezamenlijke voorstel van TWB en de GGD voor de uitvoering van de plustaken jeugdgezondheidszorg in 2017. De GGD West-Brabant en Thuiszorg West-Brabant zullen in 2017, naast de wettelijk verplichte taken, ook uitvoering geven aan de in de offerte opgenomen plustaken. Enkele voorbeelden van deze taken zijn Stevig Ouderschap, videohometraining, het project gezinsmaatjes en deelname van de jeugdverpleegkundige in het Centrum voor Jeugd en Gezin. De totale kosten van het voorstel bedragen € 87.629.

  19. Verkeer en Parkeren beter geregeld in Willemstad

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van startdocument “Verkeer en parkeren in Willemstad beter geregeld”;
    2. Kennis te nemen van
      1. de uitgangspunten voor het instellen van een blauwe zone in de vesting Willemstad (ten behoeve van regulering kort parkeren)
      2. de uitgangspunten voor de ontheffingen hiervoor
    3. Kennis te nemen van het voornemen om de geslotenverklaring van de vesting Willemstad aan te passen door dit voortaan te beperken tot de zondagmiddag;
    4. De onder 2 en 3 gestelde voornemens verder af te stemmen met de inwoners van Willemstad onder andere door middel van de inloopsessies in gebouw Irene op 13 maart 2017 en de resultaten hiervan te zijner tijd te verwerken in de definitieve besluitvorming hierover;
    5. In te stemmen met de locatie Willemstad-Oost als voorkeurslocatie voor het realiseren van een “dedicated” parkeerterrein (ten behoeve van lang en bijzonder parkeren) en deze locatie nader op haalbaarheid te gaan onderzoeken.

    Willemstad oefent al geruime tijd een grote aantrekkingskracht uit op toeristisch/recreatieve bezoekers. Mede in verband hiermee bereiken de gemeente  in steeds toenemende mate signalen  over ervaren overlast ten aanzien van verkeer en parkeren in en rondom de vesting. Zo ervaren : bewoners parkeerdruk in de vesting, ervaren bezoekers een gebrek aan parkeerplaatsen buiten de vesting op drukke dagen, zijn de blockers aan vervanging toe en bestaat tevens behoefte aan een heroverweging van nut en noodzaak ervan. Gelet op het belang van parkeren en verkeer voor zowel de toeristisch\recreatieve ontwikkeling als de leefbaarheid in en rondom de vesting Willemstad wil de gemeente dit vraagstuk integraal gaan oppakken. Het startdocument vormt hiertoe de basis en geeft de kaders waarbinnen naar structurele oplossingen kan worden gezocht. Voor de lange termijn wordt de realisatie van een extra parkeerterrein noodzakelijk geacht, dat ook oplossingen biedt voor andere gerelateerde opgaven in Willemstad zoals bijvoorbeeld het lang parkeren, de cruisesteiger en de privatisering van de gemeentelijke jachthaven. Voor wat betreft het reguleren van het parkeren in de vesting wordt in eerste instantie gedacht aan het instellen van een blauwe zone in een groot deel van de vesting en  andere sluiting\werkingstijden van de blockers. De uitgangspunten hiervoor zijn al eerder gedeeld via de stadstafel en het draagvlak hiervoor zal via inkoopsessies op 13 maart verder worden gecommuniceerd.   

  20. 3e bestuursrapportage 2016

    Het college besluit:

    1. In te stemmen met de 3e bestuursrapportage 2016;
    2. De 3e bestuursrapportage 2016 met een raadsinformatiebrief ter kennisname aan de gemeenteraad aanbieden;
    3. Met de gemeenteraad overleggen om het opstellen van de 3e bestuursrapportage en de concept jaarrekening en het concept jaarverslag te combineren in het vervolg;
    4. Kennisnemen van de overige adviezen bij de verschillende onderdelen genoemd onder 'aanvullende informatie voor college', t.w.:
      1. Kennisnemen van de gegevens van de opvolging van de voorgenomen activiteiten;
      2. De verplichtingenadministratie benutten om eerder zicht te krijgen op de uitputting van de budgetten in de begroting, waarbij het bestuur tijdig geïnformeerd wordt en geadviseerd wordt hoe verder te gaan. Over het informeren van de raad hieromtrent een artikel op te nemen in de actualisatie van de Financiële Verordening;
      3. Via de acties benoemd in het plan van aanpak 'Controle 3e fase' komen tot vereenvoudiging van het rekeningschema, waardoor het foutief boeken van nota's kan worden verminderd;
      4. In jaarrekening begrotingsoverschrijdingen van de lasten toelichten;
      5. Strak blijven inzetten op een goede urenverantwoording;
      6. Bij de 2e bestuursrapportage nadrukkelijk stil staan of nog in de pas gelopen wordt met de urenverdeling zoals deze in de begroting is verwerkt en waar nodig aanpassen.
      7. Strakke bewaking ontwikkelingen P-budget en vervanging bij ziekte continueren;
      8. Actief inzetten op realiseren restantbedrag van de taakstelling;
      9. Op basis van gegevens weerstandparagraaf omvang bepalen benodigde weerstandscapaciteit en als dit afwijkt van het huidige bedrag van € 16,4 miljoen de  gemeenteraad bij de vaststelling van de jaarrekening een voorstel doen dit bedrag aan te passen;
      10. Sociaal domein conform afspraken budgettair neutraal verwerken in de jaarrekening;
      11. Op korte termijn duidelijkheid verschaffen over hoe om te gaan met het WGP.


    De bestuursrapportage is een voortgangsrapportage voor de gemeenteraad over de uitvoering van de activiteiten uit de programma’s in de (beleids)begroting. In de 3e bestuursrapportage 2016 wordt niet alleen teruggekeken naar de periode vanaf de 2e bestuursrapportage, maar wordt een terugblik gegeven over het hele jaar 2016. De 3e bestuursrapportage 2016 is hiermee een voorloper van het jaarverslag over 2016. In de 3e bestuursrapportage 2016 wordt ook ingegaan op het voorlopig jaarrekeningresultaat 2016. Op dit moment komt dit neer op een bedrag van € 126.000 nadeel. Dit is € 436.000 lager dan de prognose bij de 2e bestuursrapportage.

  21. Verzoek ZLTO Moerdijk voor een eenmalige initiatiefsubsidie voor de organisatie van het evenement 'n Bietje Koekoek op 25 en 26 maart aanstaande.

    Het college besluit:

    1. Een eenmalige initiatiefsubsidie van € 1.500,00 te verlenen aan ZLTO Moerdijk voor de organisatie van het evenement 'n Bietje Koekoek op 25 en 26 maart aanstaande.
    2. De eenmalige subsidie ten laste brengen van het budget overige cultuur en recreatie 6561102, bijdrage in kosten activiteiten 44255.

    ZLTO afdeling Moerdijk heeft een inwonersinitiatief ingediend voor het evenement ’n Bietje Koekoek. Het evenement vindt plaats op 25 en 26 maart aanstaande.
    Naar aanleiding van het verzoek heeft er overleg plaatsgevonden met ZLTO. In het gesprek zijn de verschillende onderdelen van de aanvraag besproken zoals de subsidie, hand- en spandiensten en evenementenvergunning. De aanvraag is getoetst aan de Uitvoeringsregeling Jaarlijkse en Eenmalige Subsidie Gemeente Moerdijk. Op basis hiervan heeft het college besloten dat de ZLTO in aanmerking komt voor een subsidie van € 1.500,00 in het kader van stads- en dorpsactiviteiten.

  22. Europese aanbesteding leerlingenvervoer.

    Vertrouwelijk besluit van 21 februari 2017, vanaf heden openbaar.
    Het college besluit:

    1. In te stemmen met het programma van eisen 2017;
    2. In te stemmen met het nieuwe vervoersreglement per 1 augustus 2017 onder intrekking van het huidige reglement;
    3. In te stemmen met het persbericht; en.
    4. Ouders/verzorgers te informeren over de aanbesteding middels een brief.


    Vanaf 1 augustus 2017 kunnen de huidige vervoersovereenkomsten niet meer verlengd worden. Voor het leerlingenvervoer voor de komende schooljaren moet een nieuwe openbare Europese aanbesteding gedaan worden, omdat de opdracht het Europese drempelbedrag van diensten ad € 209.000,-- (excl. BTW) overstijgt. Voor de aanbesteding is het programma van eisen 2017 opgesteld en het nieuwe vervoersreglement per 1-8-2017, dat hierop is afgestemd.
    Gunning tegen ‘laagste prijs’ wordt voorgesteld, omdat in het nu voorgestelde programma van eisen en het vervoersreglement is uitgegaan van hoge kwaliteits- en veiligheidseisen. Daarbij is zoveel als mogelijk aangesloten bij de huidige uitvoeringspraktijk, waarover de ouders en de toenmalige cliëntenraad leerlingenvervoer (die per 31-12-2016 opgeheven is) tevreden zijn.
    Waar mogelijk zijn wel verbeteringen aangebracht zoals de mogelijkheid tot het gebruik van een taxipaspoort voor de kinderen, pictogrammen met gedragsregels in voertuigen, vereist calamiteitenplan en calamiteiteninstructie, aanwezigheid boordcomputer, herstel schade aan voertuigen, Euro-5 norm voertuigen en training chauffeurs met Het Nieuwe Rijden (economische en milieubewuste rijstijl).