Besluitenlijst B&W vergadering 22 mei 2018

Details van de vergadering
Besluitenlijst B&W vergadering
Datum: 22 mei 2018
Locatie: Gemeentehuis, kamer 1.59
Aanwezig:
J.P.M. Klijs  burgemeester
J.J. Kamp wethouder
E. Schoneveld  wethouder
Drs. T.H.R. Zwiers wethouder
C.J.A. van Dorst MBA wethouder
C. Polak strategisch communicatieadviseur
J. Hiel loco-gemeentesecretaris
Afwezig:
P.A.M. van Bavel gemeentesecretaris

Agendapunten

  1. Vaststelling besluitenlijst van de benw-vergadering van 15 mei 2018

    Het college besluit:
    De besluitenlijst ongewijzigd vast te stellen.

  2. Vaststelling vertrouwelijke besluitenlijst van de benw-vergadering van 15 mei 2018

    Het college besluit:
    De vertrouwelijke besluitenlijst ongewijzigd vast te stellen.

  3. Gemeenschappelijke Regeling Veilig Thuis West-Brabant

    Het college besluit:

    1. de notitie ‘Zicht op Veiligheid’ door Veilig Thuis West-Brabant inclusief het addendum vast te stellen
    2. De raad voor te stellen:
      1. het principebesluit te nemen tot deelname aan de Gemeenschappelijke Regeling voor Veilig Thuis West-Brabant;
      2. het college toestemming te verlenen tot deelname aan de Gemeenschappelijke Regeling voor Veilig Thuis West-Brabant.

    Het college heeft ingestemd met de notitie ‘Richtlijnen zicht op veiligheid’. Dit is een afsprakenkader dat gebruikt wordt tussen Veilig Thuis en de lokale professionals (CJG, Wmo en Maatschappelijk Werk). Hiermee wordt voldaan aan de eisen van de inspectie.  Veilig Thuis West-Brabant is in 2015 gestart als nieuwe organisatie onder aansturing van de 18 samenwerkende gemeenten met Breda als centrumgemeente. De regionale stuurgroep heeft in de loop van 2017 opdracht gegeven tot het actualiseren van de samenwerkingsafspraken. Dit heeft uiteindelijk geleid tot akkoord van de stuurgroep met het opstellen van een lichte vorm van een gemeenschappelijke regeling, een “centrumregeling”, en de vraag aan de regiogemeenten om deze regeling te treffen.

  4. Wijzigen voormalige bedrijfswoning naar particuliere woning en omzetten van een cultuurhistorisch waardevolle schuur naar een woning aan de Zuidlangeweg 6 in Oudemolen

    Het college besluit:

    1. De gemeenteraad te informeren over het initiatief, zoals verwoord in een raadsinformatiebrief;
    2. Een ontwerp-omgevingsvergunning ter inzage te leggen en toe te sturen aan diverse betrokken bestuursorganen;
    3. Indien er geen zienswijzen tegen de ontwerp-omgevingsvergunning worden ingediend de definitieve omgevingsvergunning te verlenen.

    Er is een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor het wijzigen van het gebruik van een voormalige bedrijfswoning naar particuliere woning en het omzetten van een cultuurhistorisch waardevolle schuur naar een woning aan de Zuidlangeweg 6 in Oudemolen ingediend. De aanvraag betreft de activiteit “handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening (fase 1)” en is in strijd met het geldend bestemmingsplan, omdat uitbreiding van het aantal woningen niet is toegestaan. Om medewerking te kunnen verlenen aan deze aanvraag is de uniforme voorbereidingsprocedure gevoerd. Door middel van een ruimtelijke onderbouwing is aangetoond dat de voorgestelde gebruiksverandering ook ruimtelijk acceptabel is. Het college heeft besloten om medewerking te verlenen aan deze gebruiksverandering.

  5. Financiering Stichting Streekomroep voor West-Brabant

    Het college besluit:
    De raad voor te stellen om via bijgaand raadsvoorstel:

    1. Aan Stichting Streekomroep voor West-Brabant voor 2018 een extra bijdrage beschikbaar te stellen van € 43.996 onder de opschortende voorwaarde dat ook de gemeentebesturen van Halderberge, Moerdijk en Zundert instemmen met toekenning van een additionele bijdrage, naar rato van het inwoneraantal;
    2. Deze bijdrage ten laste te brengen van productnummer 6561102 Overige cultuur en recreatie;
    3. De dekking van de lasten te realiseren door de bij de kadernota 2018 gemelde € 35.000  te benutten vanuit de stelpost nieuw beleid in de begroting 2018 en het resterende bedrag van € 9.000 uit de begrotingsruimte 2018;
    4. In te stemmen met het aanwijzen van de  Stichting Streekomroep voor West-Brabant als uitvoerder voor het verzorgen van de lokale publieke mediafunctie, die plaatsvinden in het algemeen belang als bedoeld in artikel 25h van de Mededingingswet (Diensten van Algemeen Economisch Belang, DAEB);
    5. In te stemmen met een evaluatie met Stichting Streekomroep voor West-Brabant eind 2018 waarbij de bereikte resultaten, ambities en de financiële situatie aan bod komen.

    Met ingang van 13 maart 2018 heeft het Commissariaat voor de Media de Streekomroep voor een periode van 5 jaar aangewezen als lokale publieke media-instelling voor de gemeenten Etten-Leur, Halderberge, Moerdijk en Zundert. Stichting Streekomroep voor West-Brabant heeft een aanvullende financiële bijdrage gevraagd om te kunnen voldoen aan het basisniveau van een lokale publieke media-instelling. Het college heeft besloten om aan de raad voor te stellen een aanvullende bijdrage van € 43.996 ter beschikking te stellen onder de opschortende voorwaarde dat ook de gemeentebesturen van Halderberge, Moerdijk en Zundert instemmen met toekenning van een aanvullende bijdrage, naar rato van het inwoneraantal.

  6. 1e bestuursrapportage 2018

    Het college besluit:

    1. In te stemmen met de 1e bestuursrapportage 2018;
    2. De 1e bestuursrapportage 2018 via een raadsinformatiebrief ter kennisname aan te bieden aan de gemeenteraad;
    3. De gemeenteraad voor te stellen de financiële aanpassingen van de begroting 2018 op basis van de 1e bestuursrapportage 2018 via een begrotingswijziging te verwerken.

    De 1e bestuursrapportage 2018 is naar de situatie per 1 april 2018 opgesteld. Deze 1e bestuursrapportage wordt ter kennisname (via een raadsinformatiebrief) aan de gemeenteraad aangeboden. Naast de stand van zaken van in de begroting 2018 opgenomen beleidsactiviteiten, wordt ook voorgesteld een aantal budgetafwijkingen ten opzichte van de huidige begroting 2018 door te voeren. De financiële mutaties laten een nadeel zien van € 1.068.000. Afgezet tegen het huidige begrotings-resultaat van € 1.003.000 voordelig, leiden deze mutaties na vaststelling door de gemeenteraad tot een op dit moment geschat nadelig rekeningresultaat 2018 van € 65.000. In de 1e bestuursrapportage 2018 wordt voorgesteld het krediet frictiekosten organisatieontwikkeling te verhogen met € 37.000. Verder wordt een nieuw krediet gevraagd van € 40.000 voor het afsluiten van de steigers in de haven Willemstad door middel van afsluitbare poorten met toegangssysteem. Daarnaast wordt gevraagd de dekking vanuit de algemene reserve van diverse beschikbaar gestelde kredieten (waartoe eerder al besloten was) onder te brengen in de reserve ‘dekking meerjarige uitgaven van incidentele aard’.

  7. Ontwerpbegroting 2019 Regionaal Bureau Leerplicht West-Brabant

    Het college besluit:
    De raad voor te stellen:

    1. Geen zienswijze van de gemeente Moerdijk in te dienen bij het gemeenschappelijk orgaan van de gemeenschappelijke regeling “Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten”, aangezien de begroting sluitend is en de potentiële risico’s van uittreden van gemeenten, loonkosten leerplichtambtenaren en trajectbegeleiders en aanbesteding nieuwe regionale leerlingenadministratie, op te vangen zijn.  
    2. In de begroting 2019 van de gemeente Moerdijk een bijdrage aan het Regionaal Bureau Leerplicht West-Brabant op te nemen van € 133.203.  

    Moerdijk is door het rijk ingedeeld bij de Regionale Meld- en Coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten West-Brabant. In deze RMC-regio is het beleid ten aanzien van het voortijdig schoolverlaten (vsv) een gezamenlijke verantwoordelijkheid van schoolbesturen en 16 West-Brabantse gemeenten. Om te komen tot een eenduidige registratie en aanpak van schoolverzuim en het terugdringen van voortijdig schoolverlaten, werken de 16 gemeenten samen in de gemeenschappelijke regeling “Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten” en het Regionaal Bureau Leerplicht West-Brabant (RBL West-Brabant) in Breda. Alle 16 gemeenten hebben de administratie van de leerplicht en vsv overgedragen aan het RBL West-Brabant. Voor 7 gemeenten, waaronder Moerdijk, voert het RBL West-Brabant ook alle uitvoerende taken uit, het gaat om dagelijks werk van leerplichtambtenaren en RMC trajectbegeleiders. Het RBL West-Brabant heeft de ontwerpbegroting 2019 toegestuurd. De gemeenteraad heeft de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen op deze begroting.
    Er is geen aanleiding om een zienswijze in te dienen op deze ontwerpbegroting 2019.
    Er wordt voorgesteld vanuit de begroting van gemeente Moerdijk voor 2019 €.133.203 beschikbaar te stellen.

  8. Begroting 2019, begrotingswijziging 2018 en jaarrekening 2017 GGD West-Brabant (GR OGZ)

    Het college besluit:
    De raad voor te stellen:

    1. Kennis te nemen van de begroting 2019 en de jaarrekening 2017 van GGD West-Brabant;
    2. In te stemmen met de 2de begrotingswijziging 2018;
    3. In te stemmen met het indienen van de gezamenlijke zienswijze van De6-gemeenten op de ontwerp beleidsbegroting 2019 van de GGD West-Brabant: 
      1. De raad gaat er vanuit dat het bestuur de begroting vaststelt met inachtneming van deze zienswijze en dat de raad hierover wordt geïnformeerd, met daarbij een verantwoording aan welke onderdelen van zijn zienswijze is tegemoetgekomen en aan welke onderdelen niet en waarom.
      2. De raad gaat er vanuit dat de begroting 2020 van de GGD voldoet aan de gestelde eisen van het BBV.  
      3. De raad gaat er vanuit dat de GGD:
        1. aansluit op ontwikkelingen in het sociaal domein en alert blijft op de rol die zij heeft binnen ketenaanpakken (soms is dit volgend en niet leidend) en dat zij adequaat aansluit op lokale problematiek en mogelijkheden.
          1. in de BURAP 2019 inzage geeft in de extra inspanningen en de resultaten van de beleidsintensivering infectieziektebestrijding en dat zij in haar beleidsbegroting 2020 een voorstel doet voor besluitvorming over het al dan niet verlengen van de beleidsintensivering. Indien verlenging aan de orde is, dient dit te worden gefinancierd via ‘oud voor nieuw’. 
          2. zich met voorrang inspant om de vaccinatiegraad te verhogen en dat zij gemeenten in 2019 tijdig informeert over de aanpak en het resultaat.
          3. meer inzicht geeft in de meerwaarde van het koppelen van de verschillende data, afgezet tegen de kosten en het rendement.
          4. voor RUPS inzage geeft in de afstemming en samenwerking met de lokale partners, de omvang van de doelgroep en de blijvende resultaten. Indien er landelijk budget beschikbaar komt voor RUPS is dit budget taakstellend en worden voor RUPS geen extra financiële middelen beschikbaar gesteld.
          5. in goed overleg met de gemeenten en TWB en Careyn (uitvoerders JGZ 0-4 in aantal gemeenten) uitvoering geeft aan de verdere implementatie van het vernieuwde Basispakket JGZ, inclusief realisering van het  toegezegde efficiencyvoordeel voor de gemeenten waar zij de volledige JGZ 0-18 jaar uitvoert.
          6. zowel voor haar bestaande basistaken als in haar voorstel voor invulling van Lokaal Verbinden vanaf 2020 en verder rekening houdt met het uitgangspunt dat de GGD blijft zoeken naar mogelijkheden tot flexibilisering van haar productenaanbod met als doel een kleiner basispakket en daardoor meer keuzevrijheid voor gemeenten.
          7. het rijksvaccinatieprogramma uitvoert binnen de door het rijk beschikbaar gestelde middelen waarbij zij rekening houdt met de budgetten per gemeente en de verdeling van de middelen tussen GGD, TWB en Careyn (uitvoerders JGZ 0-4 jaar).
          8. samen met de gemeenten blijft  werken aan optimalisering van prestatie-indicatoren waarmee de belangrijkste te behalen resultaten binnen haar productgroepen helder in beeld worden gebracht worden. Op de GGD-website zijn per gemeente de belangrijkste resultaten in beeld gebracht. Een volgende stap vooruit is een hieraan gekoppelde beschrijving per gemeente.
      4. De raad verzoekt met in gang van de begroting 2020:
        1. bij de berekening van de loon- en prijsindex aan te sluiten bij de andere gemeenschappelijke regelingen;
        2. bij de prestatie indicatoren in de begroting 2020 vergelijkende cijfers van voorgaande jaren op te nemen;
      5. De raad geeft de opdracht aan de GGD om in 2018 in samenspraak met de deelnemende gemeenten de risico’s kritisch te bekijken en te komen tot een reële vulling van de risicoparagraaf. Hierbij moet worden bepaald hoe om te gaan met de omvang van de risico’s, het benodigde weerstandsvermogen en de gewenste weerstandsratio, ook in relatie tot de Nota Verbonden partijen waarin is opgenomen dat de deelnemers garant staan voor het weerstandsvermogen indien risico’s zich voordoen.
      6. De raad verzoekt de GGD om een meerjarenoverzicht van de deelnemersbijdragen beschikbaar te stellen.
      7. De raad gaat er vanuit dat de GGD uiterlijk in het derde kwartaal van 2018 een huisvestingvisie presenteert, waarin een duidelijke onderbouwing is opgenomen van de voeding en onttrekkingen aan de bestemmingsreserve huisvesting. 
    4. De bijdrage aan de GGD conform voorgestelde begroting 2019  vast te stellen voor de gemeentelijke begroting 2019 ter hoogte van  € 768.151. Hiervoor is reeds dekking aanwezig.

    Voor de uitvoering van de taken uit de Wet publieke gezondheid is een gemeenschappelijke regeling opgericht. Ieder jaar wordt een ontwerpbegroting door het Dagelijks bestuur (DB) opgemaakt. Aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten wordt gevraagd voor 30 juni 2018 hun zienswijzen op de ontwerpbegroting 2019 te geven. In navolging van de vorige jaren is voor begrotingsjaar 2019 wederom een kadernota opgesteld en aangeboden aan de gemeenten. Er zijn voor de raadsleden op 5 maart jl. regiobijeenkomsten georganiseerd om een toelichting te krijgen en vragen te stellen over de kadernota. Vervolgens heeft het Algemeen Bestuur van de GGD op 29 maart jl. ingestemd met de kadernota 2019. De voorliggende ontwerp beleidsbegroting 2019 past binnen deze kaders. De bijdrage voor 2019 voor de gemeente Moerdijk bedraagt € 768.151,-- (2018: € 728.592,--). Dit betekent een verhoging van de bijdrage van € 39.559,-- ten opzichte van 2018. Dit komt met name door de in de begroting 2019 voorgestelde indexering voor loon- en prijsontwikkeling van 2,65% en bekostiging van het rijksvaccinatieprogramma waarvan de GGD (in samenwerking met TWB en Careyn) uitvoerder is namens de gemeenten. Er is in samenwerking met De6-gemeenten een gezamenlijke zienswijze opgesteld die bij het Dagelijks Bestuur van de GGD West-Brabant naar voren wordt gebracht. De raad gaat er vanuit dat het bestuur de begroting vaststelt met inachtneming van deze zienswijze en dat de raad hierover wordt geïnformeerd. Het Algemeen Bestuur van de GGD West-Brabant zal op 5 juli 2018 besluiten over de ontwerpbegroting 2019.

  9. Ontwerp beleidsbegroting 2019 en Jaarstukken 2017 Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden West Noord (GR RAV Brabant MWN)

    Het college besluit:
    De raad voor te stellen om: 

    1. Kennis te nemen van de ontwerp beleidsbegroting 2019 en de jaarstukken 2017 van de RAV Brabant MWN;
    2. In te stemmen met het indienen van de gezamenlijke zienswijze van de gemeenten in de regio Midden- en West Brabant op de ontwerp beleidsbegroting 2019 van de RAV Brabant MWN: 
      1. De raad gaat er vanuit dat het bestuur de begroting vaststelt met inachtneming van deze zienswijze en dat de raad hierover wordt geïnformeerd, met daarbij een verantwoording aan welke onderdelen van de zienswijze is tegemoetgekomen en aan welke onderdelen niet en waarom.
      2. De raad gaat er vanuit dat de kwaliteit en de continuïteit van de ambulancezorg in 2019 gewaarborgd blijven binnen het traject om te komen tot een Landelijke Meldkamer Organisatie (LMO) en de landelijke besluitvorming over het toekomstige stelsel voor de ambulancezorg.
      3. De raad gaat er vanuit dat de LMO en de landelijke besluitvorming over het stelsel voor de ambulancezorg geen nadelige (financiële) consequenties voor de gemeenten hebben en dat de RAV de gemeenten tijdens het hele proces tijdig en volledig informeert.
      4. De raad gaat er vanuit dat de RAV  het verhoogde budget voor uitbreiding van de paraatheidsuitbreiding ingaande 2019 volledig heeft ingezet en hiermee haar capaciteit zodanig heeft uitgebreid dat in 2019 het overschrijdingspercentage voor de A1-ritten hoogstens 5,5% bedraagt.
      5. De raad gaat er vanuit dat hij voor 1 juli 2019 wordt geïnformeerd over de gerealiseerde paraatheidsuitbreiding in het eerste halfjaar 2019 en over de verwachte uitbreiding voor de 2e helft van 2019.

    Op 4 april 2018 heeft het Dagelijks Bestuur van de gemeenschappelijke regeling Regionale Ambulance Voorziening de beleidsbegroting 2018 vastgesteld. Aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten wordt gevraagd hun zienswijze op de begroting te geven. De RAV ontvangt geen gemeentelijke bijdrage. Uitgangspunt voor de begroting zijn de met de zorgverzekeraars overeengekomen prestatieafspraken. Er is in samenwerking met de gemeenten in de regio Midden- en West Brabant een gezamenlijke zienswijze opgesteld die bij het Dagelijks Bestuur van de RAV Brabant MWN naar voren worden gebracht. De raad gaat er vanuit dat het bestuur de begroting 2019 vaststelt met inachtneming van deze zienswijze en dat de raad hierover wordt geïnformeerd. Het Algemeen Bestuur zal op 4 juli 2018 besluiten over de ontwerp beleidsbegroting 2019.

  10. Vangnetregeling 2017

    Het college besluit:

    1. Instemmen met de verklaring (modelaanvraagformulier) waarin, aan de hand van een analyse, wordt onderbouwd dat voldoende maatregelen zijn genomen om tot tekortreductie te komen.
    2. De raad voor te stellen in te stemmen met deze verklaring via een raadsvoorstel.

    Indien een gemeente bij de uitvoering van de Participatiewet in een kalenderjaar een tekort van meer dan 5% heeft op het door de Rijksoverheid  verstrekte budget 'Bundeling Uitkeringen Inkomensvoorziening aan Gemeenten' (afgekort BUIG), is het mogelijk om een aanvullende vangnetuitkering aan te vragen. In 2017 is er bij de gemeente Moerdijk  een tekort ontstaan op het BUIG-budget van 9.17% procent. Voor dit tekort wordt  een aanvraag op de vangnetregeling 2017 gedaan. Als de aanvraag wordt toegekend, ontvangt gemeente Moerdijk een bedrag van € 131.112 ter compensatie op het tekort op BUIG-budget. Het totale tekort op het BUIG-budget 2017 bedroeg € € 576.464.

  11. Programmabegroting 2019 en meerjarenbegroting 2020-2022 van GR ISD Werkplein Hart van West-Brabant

    Het college besluit:
    De raad voor te stellen:

    1. Als zienswijze van de gemeente Moerdijk op de Programmabegroting 2019 bij het algemeen bestuur van het Werkplein Hart van West-Brabant het volgende naar voren te brengen:
      1. Gezien de forse toename van doelgroep C verwachten wij dat het Werkplein in 2018 voortvarend aan de slag gaat met het onderzoek in hoeverre meer ingezet kan worden op doelgroep C. Wij verwachten dat de resultaten van dit onderzoek én een voorstel voor extra inzetmaatregelen beschikbaar zijn vóórdat het Werkplan 2019 tussen gemeenten en Werkplein wordt vastgesteld.
      2. Indien het Werkplein in 2018 de taakstelling rond het aantal af te nemen leerwerktrajecten bij de WVS niet haalt, verwachten wij van het Werkplein én de WVS dat zij hier pro-actief in handelen en in gezamenlijkheid met voorstellen komen tot bijsturing. Het gezamenlijke ketenresultaat moet hierbij voorop staan.
      3. Het Werkplein en de gemeenten stellen gezamenlijk een ambitie voor het klantenbestand vast in het Werkplan 2019. Dit Werkplan komt eind 2019 tot stand op basis van de dan bekende verwachtingen en trends. Dit betekent dat er een andere ambitie in het Werkplan 2019 kan worden vastgesteld dan nu in de begroting is opgenomen.
      4. Wij verwachten van het Werkplein dat de begroting volledig voldoet aan de richtlijnen van het BBV. Een weergave van de financiële kengetallen moet daarom nog worden toegevoegd. 
      5. Wij verwachten van het Werkplein dat de taakstelling van 15% op de formatie / bedrijfsvoering, die bij de vorming van het Werkplein is afgesproken, in beeld blijft in de begroting. Momenteel is de taakstelling vanwege het gestegen klantenbestand niet realistisch, maar zodra het klantenbestand op het niveau van 2015 komt, wordt de taakstelling weer actueel.
      6. Wij verwachten van het Werkplein dat de aantallen in- en uitstroom per programma in de begroting worden opgenomen. Dit is ook aangeven in de financiële richtlijnen die de deelnemende gemeenten hebben opgesteld.
    2. De aangewezen vertegenwoordiger in het algemeen bestuur op te dragen deze uitgangspunten nadrukkelijk aan de orde te stellen bij de behandeling van de begroting 2018 in het algemeen bestuur van Werkplein Hart van West-Brabant;
    3. In de begroting van 2019 van de gemeente Moerdijk een bijdrage aan GR ISD Werkplein Hart van West-Brabant op te nemen van €9.689.408.

    De gemeente Moerdijk neemt deel aan de gemeenschappelijke regeling (GR) ISD Werkplein Hart van West-Brabant (HvWB). Dit is een samenwerking van zes deelnemende gemeenten, namelijk Etten-Leur, Halderberge, Moerdijk, Roosendaal, Rucphen en Zundert. Het dagelijks bestuur van het Werkplein HvWB heeft de programmabegroting 2019 en meerjarenbegroting 2020 – 2022 naar de zes deelnemende gemeenten verzonden. Voordat de begroting op 12 juli 2018 a.s. door het algemeen bestuur  van het Werkplein HvWB wordt vastgesteld is de zienswijze hierop gevraagd aan de raad.

  12. Jaarstukken 2017 Gemeenschappelijke Regeling ISD Werkplein Hart van West-Brabant

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van de jaarstukken 2017 (onder voorbehoud van controleverklaring en accountantsverslag van de accountant) van het Werkplein Hart van West-Brabant (HvWB);
    2. De jaarstukken 2017 van het Werkplein HvWB (inclusief de later te ontvangen controleverklaring van accountant en accountantsverslag) ter inzage te leggen voor de raad middels een raadsinformatiebrief.

    De gemeente Moerdijk neemt sinds 1 januari 2015 deel aan de GR ISD Werkplein HvWB. Het Werkplein HvWB voert in opdracht van de gemeente Moerdijk taken uit op het gebied van Werk & Inkomen. Het dagelijks bestuur van het Werkplein HvWB heeft de jaarstukken 2017 (inclusief  de jaarrekening 2017) aangeboden aan de colleges van B&W van zes aangesloten gemeenten. Er wordt inzicht gegeven in de uitvoering van taken op het gebied van Werk & Inkomen en de ontwikkeling van de kosten van de bedrijfsvoering. Voor de jaarrekening 201 geeft de accountant naar verwachting een goedkeurende controleverklaring af.  De jaarstukken 2017 worden ter kennisname aangeboden aan de gemeenteraad.

  13. Concept meerjarenbegroting ICT WBW 2019-2022.

    Het college besluit:
    De raad voor te stellen:

    1. Geen zienswijze in te dienen op de concept meerjarenbegroting ICT WBW 2019-2022.
    2. In de begroting 2019 van de gemeente Moerdijk een bijdrage aan de ICT-WBW op te nemen van € 680.040.

    Om te komen tot een efficiënt beheer van de gewenste ICT-infrastructuur als basis voor onze dienstverlening aan burgers, verenigingen, instellingen en het bedrijfsleven, werkt gemeente Moerdijk  met een aantal gemeenten in de regio samen in de Gemeenschappelijke Regeling SAMENWERKING ICT West-Brabant-West. Het Dagelijks Bestuur van deze gemeenschappelijke regeling heeft de concept meerjarenbegroting voor 2019-2022 toegestuurd. De gemeenteraad heeft de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen op deze begroting. De begroting sluit aan bij  de producten en diensten die de gemeente de komende jaren af wil nemen. Daarnaast is de begroting in lijn met de vooraf aangeboden richtlijnen en de door ICT WBW vastgestelde kadernota 2019. Er wordt daarom voorgesteld om geen zienswijze in te dienen op de concept meerjarenbegroting 2019-2022.

  14. Conceptbegroting 2019 Regio West-Brabant

    Het college besluit:
    Aan de gemeenteraad voor te stellen:

    1. Als zienswijze van de gemeente Moerdijk op de begroting 2019 bij het Algemeen Bestuur van de Regio West-Brabant (RWB) het volgende naar voren te brengen: 
      1. De mogelijk structurele financiële consequenties als gevolg van de doorontwikkeling voor de Regio West-Brabant inzichtelijk te maken bij de aangekondigde begrotingswijziging. Deze wijziging volgt zodra meer zicht bestaat op de financiële gevolgen van de doorontwikkeling.
      2. De (financiële) gevolgen voor NV Rewin inzichtelijk te maken nadat duidelijk is wat de nieuwe inzichten en ambities zijn.
      3. Voor te stellen na de doorontwikkeling samen met de deelnemers prestatie- indicatoren te ontwikkelen.
        1. De aangewezen vertegenwoordiger in het Algemeen Bestuur op te dragen deze uitgangspunten nadrukkelijk aan de orde te stellen bij de behandeling van de begroting 2019 in het Algemeen Bestuur en alles in het werk te stellen een meerderheid voor deze zienswijze te bereiken;
        2. In de begroting 2019 van de gemeente Moerdijk een bijdrage aan de RWB op te nemen van € 239.194 (apparaatskosten en Rewin), en daarnaast een bijdrage in het O&O-fonds van € 24.014.

    De RWB betreft een Gemeenschappelijke Regeling die is ontstaan uit een fusie van Kleinschalig Collectief Vervoer, Regiobureau Breda, SES West-Brabant en Milieu en Afval Regio Breda (afval- en milieutaken). De GR houdt zich sindsdien bezig met strategische beleidsvraagstukken op de terreinen van economie, ecologie en leefbaarheid (profit, planet, people). Door het opstellen, bewaken en uitvoeren van de strategische agenda en strategische visie voor West-Brabant wordt uitvoering gegeven aan het gezamenlijke doel van 19 gemeenten dat het in West-Brabant goed toeven is. In 2016 is een koerswijziging ingezet, die heeft geleid tot doorontwikkeling van de RWB. In maart 2017 is hierover in het Algemeen Bestuur van de RWB besloten.
    Belangrijkste inhoudelijke wijziging is dat de focus wordt gelegd op  economisch‐ruimtelijke structuurversterking met als doel het creëren van een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Dit is vertaald in een wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling, die naar verwachting begin juni 2018 van kracht zal worden. Het Algemeen Bestuur – bestaande uit vertegenwoordigers van de nieuw gevormde colleges – zal tijdens de bestuursvergadering van 4 juli 2018 naar verwachting besluiten nemen over de inhoudelijke gerichtheid van de RWB die in overeenstemming zijn met de ingeslagen weg. Dat betekent dat het Dagelijks Bestuur een voorstel aan het Algemeen Bestuur zal voorleggen wat zich beperkt tot de kerntaken van de RWB (gestoeld op de pijlers economie, arbeidsmarkt, mobiliteit en ruimte). Het Dagelijks Bestuur van de RWB heeft de ontwerpbegroting 2019 toegezonden. Deze omvat geen nieuw beleid, maar er is wel sprake van een nieuwe programma-indeling, die beter past bij de doorontwikkeling van de RWB. Nieuw beleid wordt wel in het najaar verwacht en wordt vervolgens zonodig via een begrotingswijziging aan de gemeenteraad voorgelegd. De gemeenteraad kan een zienswijze indienen over de ontwerpbegroting 2019. In de voorgestelde zienswijze worden voorstellen aan de RWB gedaan om mogelijk (structurele) financiële gevolgen die te maken hebben met de doorontwikkeling inzichtelijk te maken en om prestatie-indicatoren te ontwikkelen. Ter informatie worden ook het ontwerpjaarverslag en de ontwerpjaarrekening 2017 toegezonden. Deze liggen niet voor ter behandeling en de gemeenteraad hoeft hierover geen besluit te nemen, noch kan  er een zienswijze over worden ingediend. Na definitieve vaststelling door het Algemeen Bestuur van de RWB (op 4 juli 2018) worden het vastgestelde jaarverslag en de vastgestelde jaarrekening door middel van een raadsinformatiebrief ter kennis van de gemeenteraad gebracht.

  15. Conceptbegroting 2019 OMWB

    Het college besluit:
    Aan de gemeenteraad voor te stellen:

    1. Als zienswijze van de gemeente Moerdijk bij het algemeen bestuur van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant het volgende naar voren te brengen:
      1. De informatie in de conceptbegroting m.b.t. de gewijzigde deelnemersbijdragen op basis van de MWB-norm, was niet voldoende om de effecten per deelnemer goed te kunnen beoordelen; ook een aanvullende specifieke toelichting per deelnemer was niet tijdig beschikbaar, gelet ook op de keuze die men uiterlijk 15 juni 2018 kan aangeven om de bijdrage wel of niet met 25% te verminderen met ingang van 2019 (ingeval er sprake is van een verlaging van de bijdrage). De gemeenteraad verzoekt de reactietermijn te verlengen tot 15 oktober 2018;
      2. Uit de begroting blijkt niet duidelijk of de uurtarieven voor 2019 zijn gebaseerd op de juiste uurtarieven 2018, zoals die bij de 1e begrotingswijziging 2018 zijn vastgesteld. De gemeenteraad verzoekt de uurtarieven voor 2019 in de definitieve begroting 2019 (indien nodig) te corrigeren; 
      3. De gemeenteraad verzoekt om in het vervolg in zowel jaarrekening als begroting een volledig overzicht op te nemen van de incidentele baten en lasten, zodat een structureel exploitatieresultaat kan worden bepaald;
      4. Op grond van de ‘West-Brabantse’ nota Verbonden Partijen is een verbonden partij verplicht bij aanvang van de nieuwe raadsperiode een meerjarenbeleidsplan op te stellen, dat samen met de jaarrekening de basis vormt om de resultaten van de omgevingsdienst over een periode van vier jaar te evalueren en stil te staan bij de doelstelling, nut en noodzaak van de samenwerking (spelregel 6). De gemeenteraad vraagt de omgevingsdienst uiterlijk begin 2019 deze evaluatie op te stellen en tevens de gevolgen van de gewijzigde bestuurlijke samenstelling en mogelijk gewijzigde prioriteiten in beeld te brengen.
      5. Het eerste uitgangspunt voor een goede borging van de VTH-taken (eerste bullet op pag. 15) gaat over het verdienen van vertrouwen (high trust). De gemeenteraad verzoekt de OMWB dit uitgangspunt uit te breiden met het principe van high penalty. High penalty is een direct gevolg wanneer bedrijven het door de overheid gegeven vertrouwen schenden.
      6. De gemeenteraad gaat er vanuit dat het bestuur de begroting vaststelt met inachtneming van deze zienswijze en dat de raad hierover wordt geïnformeerd, met daarbij een verantwoording aan welke onderdelen van zijn zienswijze is tegemoetgekomen en aan welke onderdelen niet en waarom.
    2. De aangewezen vertegenwoordiger in het Algemeen Bestuur op te dragen deze uitgangspunten nadrukkelijk aan de orde te stellen bij de behandeling van de begroting 2019 in het algemeen bestuur en alles in het werk te stellen een meerderheid voor deze zienswijze te bereiken;
    3. In de begroting 2019 van de gemeente Moerdijk een bijdrage aan de OMWB op te nemen van totaal € 1.631.000.

    De Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) is een gemeenschappelijke regeling waaraan de provincie en 27 gemeenten deelnemen. De OMWB is een uitvoeringsorganisatie voor uitvoering van wettelijke milieu- en andere omgevingsrechttaken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. De conceptbegroting 2019 OMWB is aan de gemeente voorgelegd met het verzoek hierop voor 15 juni 2018 een zienswijze in te dienen. De conceptbegroting geeft aanleiding tot het indienen van zienswijzen daarom wordt de gemeenteraad geadviseerd te besluiten een zienswijze in te dienen. De zienswijzen hebben betrekking op het verlengen van de termijn voor het wel/niet verlagen van de deelnemersbijdrage 2019, op onderdelen aanvullen van de conceptbegroting en het opstellen van een meerjarenbeleidsplan conform de nota Verbonden Partijen.

  16. Conceptbegroting 2019 gemeenschappelijke regeling Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen

    Het college besluit:
    De raad voor te stellen om:

    1. Geen zienswijze in te dienen op de conceptbegroting 2019 gemeenschappelijke regeling Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen (GR Nazorg), aangezien:
      1. de financiële risico’s voor de gemeente als één van de 12 eigenaargemeenten acceptabel zijn en de begroting sluitend is;
      2. de gemeenschappelijke regeling op juiste wijze zorgdraagt voor het beheren van het vermogen van de gemeenschappelijke regeling en het technisch beheer van de stortplaatsen.
    2. In de begroting 2019 van de gemeente Moerdijk een bijdrage aan de GR Nazorg op te nemen van  € 53.168,- .

    De gemeente Moerdijk neemt deel in de gemeenschappelijke regeling Nazorg gesloten stortplaatsen Bavel-Dorst en Zevenbergen. Dit is een samenwerkingsverband van 12 gemeenten uit de regio Breda voor de wettelijke taken voortvloeiend uit het beheer van deze twee stortplaatsen.  Het Dagelijks Bestuur van deze gemeenschappelijke regeling heeft de conceptbegroting 2019 toegestuurd. De gemeenteraden van de deelnemende gemeenten kunnen hier met een zienswijze op reageren. In deze begroting wordt voorgesteld om de bijdrage voor de deelnemende gemeenten voor de jaren 2019 tot en met 2021 te egaliseren, zodat de jaarlijkse schommelingen vervallen. Dit gebeurt middels een egalisatiereserve. Daarna wordt dan voor een nieuwe periode van 5 jaar op basis van de op dat moment geldende uitgangspunten, een nieuwe bijdrage berekend. Er wordt voorgesteld om geen zienswijze in te dienen op de conceptbegroting 2019 en vanuit de begroting van gemeente Moerdijk voor 2019 € 53.168,- beschikbaar te stellen.

  17. Afwijkingsbesluit externe ondersteuning Coda

    Het college besluit:

    1. Instemmen met afwijking van het inkoopbeleid door het continueren van de één-op-één gunning aan HAJA Support voor de externe ondersteuning ten behoeve van het financiële softwarepakket Coda;
    2. Mocht Moerdijk deelnemen aan het project om in De6-verband te komen tot een nieuw financieel pakket dan geldt het afwijkingsbesluit tot het moment van beëindiging van het gebruik van het huidige financiële pakket (medio zomer 2020);
    3. Mocht Moerdijk niet deelnemen aan het project om in De6-verband te komen tot een nieuw financieel pakket dan zal op dat moment een aanbestedingsvraag geformuleerd en uitgezet worden voor ondersteuning van het huidige financiële pakket.

    De externe ondersteuning voor het functioneel applicatiebeheer van het financieel pakket Coda dat het dagdagelijkse beheer te boven gaat wordt op dit moment gebruik gemaakt van de diensten van HAJA Support. De ondersteuning is één-op-één aan betrokkene gegund. Dit past niet binnen het inkoopbeleid van de gemeente Moerdijk. In verband met onderzoek naar het mogelijk in De6-verband aanschaffen van een nieuw financieel pakket is het op dit moment niet logisch alsnog over te gaan tot meervoudige onderhandse aanbesteding van de werkzaamheden. Vandaar dat besloten wordt om af te wijken van het inkoopbeleid.

  18. Verlenging Subsidieverlening project Fenderts Muzikaal Schoolkabaal

    Het college besluit:

    1. De termijn voor de reeds verleende subsidie aan Stichting Fijnaart Muzikaal voor het project  Fenderts Muzikaal Schoolkabaal met een jaar te verlengen van 4 naar 5 jaar;
    2. Dit schriftelijk aan Stichting Fijnaart Muzikaal kenbaar te maken via een beschikking;
    3. Het jaarlijkse subsidiebedrag van € 4.500, - ten laste te brengen van productnummer 6511000, muziekeducatie.

    Op 7 juli 2017 heeft het college besloten om aan Stichting Fijnaart Muzikaal een subsidiebedrag van € 4.500 per jaar beschikbaar te stellen voor het geven van muzieklessen aan groep 6 op de drie basisscholen in Fijnaart voor een periode van 4 jaar. Dit in het kader van het project Fenderts Muzikaal Schoolkabaal. Het fonds voor Cultuurparticipatie heeft voor de Impuls Muziekonderwijs recent extra budget gekregen voor het uitvoeren van de laatste tranche. Hierdoor kan het Project Fenderts Muzikaal Schoolkabaal in aanmerking komen voor een bijdrage van in totaal € 20.000,-. Met deze extra bijdrage kan het project voor drie jaar lang muziekles geven aan groep 3 tot en met 8 van de drie scholen in Fijnaart in plaats van alleen de groepen 6. Het fonds voor Cultuurparticipatie vraagt echter een toezegging van subsidie van de gemeente tot en met 2021 terwijl de huidige verlening tot en met 2020 loopt. Het college staat nog steeds achter het project en juicht deze extra uitbreiding van harte toe. Het college heeft dan ook besloten om de bestaande subsidieverlening met een jaar te verlengen.

  19. Begroting 2019 en jaarstukken 2017 gemeenschappelijke regeling veiligheidsregio Midden- en West-Brabant

    Het college besluit:
    De raad voor te stellen om:

    1. In te stemmen met de begroting 2019 Veiligheidsregio MWB.
    2. Als zienswijze van de gemeente Moerdijk bij het Algemeen Bestuur van 5 juli 2018 het volgende naar voren te brengen: 
      1. Het bestuur van de VRMWB te verzoeken meer inzicht te verschaffen in de incidentele en structurele oorzaken van de totstandkoming van het resultaat. Zodoende een overzicht van incidentele lasten en baten toe te voegen aan zowel de jaarrekening als de begroting. In relatie hiertoe dient te worden aangegeven in hoeverre de eventuele structurele voordelen in voorgaande jaren op personele lasten (salaris- en opleidingskosten) zijn verwerkt in de begroting 2019.
      2. Met ingang van de begroting 2020 bij de berekening van de loon- en prijsindex aan te sluiten bij de andere gemeenschappelijke regelingen.
      3. Bij de prestatie-indicatoren in de begroting 2020 vergelijkende cijfers van voorgaande jaren op te nemen.
      4. In de begroting 2020 een meerjarig investeringsplan op te nemen met daarbij een specificatie c.q. toelichting op de investeringen in het begrotingsjaar 2020.
      5. De deelnemers tijdig te informeren over de voortgang van het realiseren van het nieuwe oefencentrum (zgn. Safety Village).
    3. Op te dragen deze punten nadrukkelijk aan de orde te stellen bij de behandeling van de begroting 2019 in het Algemeen Bestuur en alles in het werk te stellen een meerderheid voor deze zienswijze te bereiken;
    4. In de begroting 2019 van de gemeente Moerdijk een bijdrage aan de Veiligheidsregio MWB op te nemen van € 2.763.073; 
    5. Kennis te nemen van de jaarrekening 2017 en bijbehorende positieve resultaten.

    De Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant biedt de conceptbegroting 2019 aan de gemeenten aan ten behoeve van een zienswijze door de gemeenteraden. Op basis van de ingediende zienswijzen zal het Algemeen Bestuur op 5 juli 2018 worden voorgesteld over te gaan tot definitieve vaststelling. Op basis van de begroting wordt uitvoering gegeven aan de wettelijke en met de deelnemende gemeenten overeengekomen taken. Tevens wordt uitvoering gegeven aan de kernwaarden uit de missie “Samen maken we de regio veiliger” en de actiepunten uit de visie waarmee de focus is gericht op enerzijds het verbinden met strategische crisispartners en anderzijds het aangaan van uitdagingen en het pakken van kansen die zich voordoen door de snelle technologische en maatschappelijke ontwikkelingen. De VRMWB beweegt zodoende mee met de omgeving en komen van de achterkant van de veiligheidsketen steeds meer naar de voorkant. De begroting is opgebouwd aan de hand van 5 thema’s, waarbij per thema de stand van zaken en de te behalen resultaten voor 2018 worden beschreven.
    De totale bijdrage aan de VRMWB voor 2019 komt voor de gemeente Moerdijk uit op €2.763.073, waarin ook de exploitatielasten (€88.265) voor de kazerne Moerdijk-Haven zijn inbegrepen. Dit i.p.v. de in de begroting 2018 geraamde € 2.651.767 (2019).

  20. Mobiliteitsbudget

    Het college besluit:

    1. De raad voor te stellen een krediet beschikbaar te stellen voor een mobiliteitsbudget gefaseerd over 3 jaar. Hierbij zal voor 2018 een krediet nodig zijn van € 250.000, voor 2019 een krediet van € 175.000 en voor 2020 een krediet van € 175.000 en dit te dekken vanuit de algemene reserve.

    Op 8 november 2012 heeft de raad besloten een bedrag van € 1 miljoen beschikbaar te stellen voor frictiekosten ten laste van de algemene reserve. In de afgelopen jaren is een gedeelte van de inkomsten uit de dienstverleningsovereenkomst (DVO) met de OMWB gestort in het frictiekostenbudget. In totaal is hier in de loop der jaren voor een bedrag van € 625.000 in het frictiekostenbudget gestort. In totaal is er € 1.625.000 beschikbaar geweest voor het fictiekostenbudget. Vanaf 2013 zijn er uitgaven gedaan op het frictiekostenbudget, inmiddels is na aftrek van de toegezegde toekomstige uitgaven dit budget op. Daarnaast zijn er vanuit het verleden een aantal personele ontwikkelingen geweest waarbij ook aanspraak gemaakt zou kunnen worden op het frictiekostenbudget, echter gezien dit huidige frictiekostenbudget hiervoor niet toereikend is wordt er middels dit voorstel extra budget aangevraagd om hiervoor ook een oplossing te creëren. Het benodigde krediet hiervoor betreft € 100.000. Daarnaast bevindt de gemeente Moerdijk zich op dit moment in een organisatieontwikkeling waarbij een duidelijke koers wordt bepaald als het gaat om verwachtingen en veranderingen. Juist in deze periode is het van belang om financiële ruimte te hebben voor personele vraagstukken die zich als gevolg van deze verandering kunnen voordoen. Hiervoor is een krediet nodig van € 500.000. Met dit nieuwe mobiliteitsbudget kunnen de kosten betaald worden met betrekking tot toekomstige gedwongen of vrijwillige mobiliteitsvraagstukken. Geadviseerd wordt om de raad voor te stellen om gefaseerd een krediet beschikbaar te stellen voor een mobiliteitsbudget verdeeld over drie jaar. Hierbij zal voor 2018 een krediet nodig zijn van € 250.000, voor 2019 een krediet van € 175.000 en voor 2020 een krediet van € 175.000.