Besluitenlijst B&W vergadering 31 juli 2018

Details van de vergadering
Besluitenlijst B&W vergadering
Datum: 31 juli 2018
Locatie: Gemeentehuis, kamer 1.59
Aanwezig:
J.P.M. Klijs  burgemeester
Drs. T.H.R. Zwiers wethouder
D.J. Brummans wethouder
P.A.M. van Bavel gemeentesecretaris
C. Polak strategisch communicatieadviseur
Afwezig:
C.J.A. van Dorst MBA wethouder
E. Schoneveld  wethouder

Agendapunten

  1. Vaststelling besluitenlijst van de benw-vergadering van 24 juli 2018

    Het college besluit:
    De besluitenlijst ongewijzigd vast te stellen.

  2. Vaststelling vertrouwelijke besluitenlijst van de benw-vergadering van 24 juli 2018

    Het college besluit:
    De vertrouwelijke besluitenlijst ongewijzigd vast te stellen.

  3. Wijzigingen CAR - UWO-artikelen en salarisbedragen Cao Gemeenten 2017 – 2019

    Het college besluit:
    De door het LOGA aangekondigde wijzigingen van de arbeidsvoorwaarden in de circulaires van 9 oktober 2017 (TAZ/U201700653 en TAZ/U201700735) per 1 augustus 2017, 1 december 2017, 1 januari 2018 en 1 juli 2018 op te nemen in de gemeentelijke arbeidsvoorwaardenregeling van de gemeente Moerdijk overeenkomstig de bijlagen bij dit voorstel.

    In de LOGA-circulaires zijn wijzigingen opgenomen in verband met de uitwerking van de Cao gemeenten 1 mei 2017 – 1 januari 2019. In de LOGA-circulaires staan de wijzigingen in de CAR/UWO die volgen uit de afspraken over:

    1. salariswijzigingen welke per 1 augustus 2017, 1 december 2017, 1 januari 2018 en 1 juli 2018 ingaan;
    2. aanstellingen op grond van de banenafspraak;
    3. verklaring Omtrent het Gedrag;
    4. zwaarwegend advies.

    Deze wijzigingen krijgen pas rechtskracht op het moment dat ze door het college zijn vastgesteld. De wijzigingen zijn technisch en redactioneel van aard en hebben geen directe personele gevolgen. 

  4. Vaststellen wijzigingen in de arbeidsvoorwaardenregeling reparatie derde jaar WW

    Het college besluit:
    De door het LOGA aangekondigde wijzigingen van de arbeidsvoorwaarden in de (circulaires van 20 november 2017 (TAZ/U201700897 en TAZ/U201700997) per 1 januari 2018 op te nemen in de gemeentelijke arbeidsvoorwaardenregeling Moerdijk overeenkomstig de bijlagen bij dit voorstel.

    De Wet werk en zekerheid heeft gezorgd voor een landelijke versobering van de WW. Geleidelijk wordt de uitkeringsduur van maximaal 38 maanden terug gebracht naar 24 maanden. Tevens bouwt een medewerker minder snel WW-recht op. Werkgevers mogen deze landelijke versoberingen via de arbeidsvoorwaardenregeling repareren. In de gemeentelijke sector is besloten dit te doen.

    Dit wordt gefinancierd door bij de medewerkers vanaf 1 januari 2018 een premie van 0,1% van het salaris en eventueel toegekende salaristoelage(n) in te houden. In de circulaire van 18 december 2017 is aangegeven, dat deze premie geheven gaat worden tot het maximum-premieloon van de medewerkers die de AOW-gerechtigde leeftijd nog niet hebben bereikt. Tevens is in deze circulaire aangegeven, dat de aanvullende uitkering eindigt op het moment dat de medewerker gedurende een periode van 13 weken wegens ziekte arbeidsongeschikt is. Deze wijzigingen krijgen pas rechtskracht op het moment dat ze door het college zijn vastgesteld. De wijzigingen zijn technisch en redactioneel van aard en hebben geen directe personele gevolgen. 

  5. Verrekening neveninkomsten politieke ambtsdragers kalenderjaar 2017

    Het college besluit:
    Vast te stellen dat verrekening van neveninkomsten van burgemeester en wethouders van de gemeente Moerdijk over het jaar 2017 niet aan de orde is.

     In het kader van de verrekenplicht zoals bepaald in het Rechtspositiebesluit burgemeesters en het Rechtspositiebesluit wethouders, moet over het jaar 2017 vastgesteld worden of verrekening van neveninkomsten van burgemeester en wethouders aan de orde is. Via een web-applicatie zijn de burgemeester en wethouders gevraagd naar eventuele neveninkomsten. Op basis van deze opgaven en conform de geldende regels, is verrekening van neveninkomsten van de burgemeester en wethouders over het jaar 2017 niet aan de orde.

  6. Vaststelling bestemmingsplan Oude Heijningsedijk16b

    Het college besluit:
    De gemeenteraad voor te stellen:

    1. Het ontwerpbestemmingsplan Oude Heijningsedijk 16b, zoals vervat in de bestandenset met planidentificatie NL.IMRO.1709.BG01.OHdijk16b-BP30, ongewijzigd vast te stellen;
    2. Ten behoeve van het bestemmingsplan geen exploitatieplan vast te stellen;
    3. De planidentificatie van het bestemmingsplan te wijzigen van NL.IMRO.1709.BG01.OHdijk16b-BP30 naar NL.IMRO.1709.BG01.OHdijk16b-BP40.

    Voor de Oude Heijningsedijk 16b te Heijningen is door Rijk Zwaan een verzoek ingediend voor het herontwikkelen en uitbreiden van het bestaande glastuinbouwbedrijf op dit perceel. Voor dit verzoek is een nieuw bestemmingsplan opgesteld, omdat de plannen niet passen in het geldende bestemmingsplan. Het ontwerp van dit bestemmingsplan heeft in de periode van 19 april tot en met 30 mei 2018 voor iedereen ter inzage gelegen. Er zijn geen zienswijzen ingediend. Het college besluit de gemeenteraad voor te stellen het bestemmingsplan ongewijzigd vast te stellen. Na vaststelling door de gemeenteraad staat beroep open bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.

  7. Vaststelling bestemmingsplan ‘Veegplan Kernen 2017’

    Het college besluit:
    De gemeenteraad voor te stellen:

    1. De ingediende zienswijze van DNWG Infra BV gegrond te verklaren;
    2. Het ontwerpbestemmingsplan ‘Veegplan Kernen 2017’, zoals vervat in de bestandenset met planidentificatie NL.IMRO.1709.Veegplan2017-BP30, gewijzigd vast te stellen;
    3. Ten behoeve van het bestemmingsplan geen exploitatieplan vast te stellen;
    4. De planidentificatie van het bestemmingsplan te wijzigen van NL.IMRO.1709.Veegplan2017-BP30 naar NL.IMRO.1709.Veegplan2017-BP40.

    Het bestemmingsplan ‘Veegplan kernen 2017’ is gemaakt om in één keer meerdere correcties/wijzigingen, in diverse bestemmingsplannen voor de kernen aan te brengen. Dit bestemmingsplan fungeert als een plan dat als een paraplu over andere bestemmingsplannen heen hangt. De bestemming en bijbehorende regels in dit plan zijn van toepassing op gedeelten van die bestemmingsplannen. Deze onderliggende bestemmingsplannen blijven gewoon gelden; alleen dat wat in dit paraplubestemmingsplan wordt geregeld, komt in de plaats van en/of ter aanvulling op de regelingen in die bestemmingsplannen over dit onderwerp. Op het ontwerp van dit bestemmingsplan is 1 zienswijze ingediend. Deze zienswijze leidt tot wijzigingen in het bestemmingsplan. Het college stelt de raad voor het bestemmingsplan daarom gewijzigd vast te stellen.

  8. Benoeming leden welstandscommissie, monumentencommissie en vaststellen Bouwverordening 2018 gemeente Moerdijk

    Het college besluit:
    De raad voor te stellen:

    1. Benoemen van de heren M. Raaijmakers, M. Onrust en J. Couwenberg als lid van de monumentencommissie van de gemeente Moerdijk;
    2. Beëindigen van de benoeming als lid van de monumentencommisise ten aanzien van de heren D. Ellens en E. de Bruijn;
    3. De raad voor te stellen om voor de periode van 1-10-2018 tot 1-10-2020 als lid van de welstandscommissie van de gemeente Moerdijk te benoemen:
    4. heren M. Onrust en J. Couwenberg en de Bouwverordening 2018 gemeente Moerdijk vast te stellen.

    De Woningwet bepaalt dat de gemeenteraad een onafhankelijke welstandscommissie benoemt. De welstandscommissie brengt aan het college van burgemeester en wethouders advies uit ten aanzien van de vraag of een bouwwerk voldoet aan de redelijke eisen van de welstand. Deze eisen zijn vastgelegd in de welstandsnota. De welstandscommissie van de gemeente Moerdijk moet uit twee leden bestaan, die kennis moeten hebben van cultuurhistorie, ruimtelijke kwaliteit en architectuur. De huidige leden zijn benoemd t/m 30-9-2018. Om opdracht te kunnen verlenen aan een bureau, die deze leden kan leveren, is een aanbestedingsprocedure doorlopen. Aanleiding hiervoor was het raadsbesluit d.d. 1-3-2018 om de leden van de welstandscommissie her te benoemen t/m 30-9-2018. Oorzaak hiervoor was dat er  onderzoek is gedaan naar risico’s bij inkooptrajecten. Hieruit bleek dat de advisering over welstand en monumenten voortaan moet worden aanbesteed. In de tussenperiode is deze aanbestedingsprocedure doorlopen en heeft Dorp Stad en Land deze opdracht gekregen. Omdat dit een ander bureau is dan het huidige bureau, moet ook de Bouwverordening worden aangepast. Er vinden geen veranderingen plaats in de werkwijze van de welstandscommissie zelf.  Aan de raad wordt in de vergadering van 27-9-2018 voorgesteld om voor de periode van 1-10-2018 tot 1-10-2020 te benoemen als commissielid van de welstandscommissie van de gemeente Moerdijk, de heren M. Onrust en J. Couwenberg en de Bouwverordening 2018 vast te stellen. De benoeming van het huidige lid vervalt van rechtswege.
    Tevens heeft het college voor deze periode de heren M. Onrust en J. Couwenberg benoemd als lid van de monumentencommissie van de gemeente  Moerdijk die dan aangevuld wordt met de heer M. Raaijmakers. De benoeming van de overige zittende leden is beëindigd.

  9. Doorontwikkeling RWB, lopende zaken RWB en cyclische producten RWB

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van de vastgestelde jaarrekening 2017, begroting 2019 en eerste bestuursrapportage 2018 van de RWB
    2. Kennis te nemen van het overzicht actualiteiten per 13 juni van de RWB
    3. De raad te informeren middels een raadsinformatiebrief.

    Het Algemeen Bestuur van de RWB heeft onlangs de jaarrekening 2017, begroting 2019 en eerste bestuursrapportage 2018 vastgesteld en toegezonden aan de gemeenten. De besluitvorming hierover is in overeenstemming met het geadviseerde door de gemeente Moerdijk. Tevens heeft de RWB het meest recente overzicht actualiteiten toegezonden, met het verzoek dit tevens te verspreiden onder de gemeenteraadsleden. Met de raadsinformatiebrief worden de leden van de gemeenteraad geïnformeerd over zowel het overzicht actualiteiten als de besluitvorming over de cyclische producten. Daarnaast wordt in de raadsinformatiebrief het proces geschetst rondom de ontwikkeling van de economische koers van de RWB en de manier waarop de gemeente daar aan bij kan dragen.

  10. Inspectierapport provincie Noord-Brabant inzake 'Gemeentelijk toezicht op de realisatie van externe veiligheidsmaatregelen langs het spoor'

    Het college besluit:

    1. Kennis te nemen van het inspectierapport 'Gemeentelijk toezicht op de realisatie van externe veiligheidsmaatregelen langs het spoor'.
    2. De provincie in kennis te stellen van de maatregelen welke getroffen zullen worden om de tekortkomingen op te heffen.
    3. De raad te informeren met een raadsinformatiebrief.

    Het provinciaal Beleidsplan IBT 2016-2019 bevat de visie en doelen voor het interbestuurlijk toezicht (IBT), welke weer zijn vertaald naar activiteiten in een jaarlijks Uitvoeringsprogramma IBT. Gemeentelijk toezicht op realisatie van externe veiligheidsmaatregelen in spoorzones is een van de risico-thema’s dat in het provinciaal IBT Uitvoeringsprogramma 2017 prioriteit heeft gekregen.
    Doel van het project "Gemeentelijk toezicht op de realisatie van externe veiligheidsmaatregelen langs het spoor" is inzicht te verkrijgen of:
    a) externe veiligheid in spoorzones op een juiste wijze is verankerd in het bestemmingsplan en door vertaald in de uitvoering van het bestemmingsplan en;
    b) de externe veiligheidsmaatregelen in de praktijk zijn gerealiseerd en worden onderhouden en;
    c) toezicht op en handhaving van de externe veiligheid regelgeving in spoorzones in de praktijk op een adequate manier wordt uitgevoerd.
    Zodoende wil de provincie inzicht verkrijgen in de kwaliteit van de uitvoeringspraktijk waaronder het toezicht door gemeenten en de gevolgen daarvan voor de veiligheid van de Brabanders op het gebied van externe veiligheid in spoorzones.
    In dit kader bezocht de provincie Noord-Brabant in haar rol als interbestuurlijk toezichthouder op 21 november 2017 de gemeente Moerdijk en onderzocht de bovenstaande kwesties voor 2 plannen in de Moerdijkse Spoorzone; “Uitbreiding Markland-college” en “Renovatie aanleunwoningen De Westhoek”.
    Op basis hiervan stelt de Provincie vast dat de gemeente Moerdijk aan de meeste voorwaarden voldoet en spreekt haar complimenten uit voor de wijze waarop externe veiligheid wordt geborgd in bestemmingsplannen. Echter blijkt ook dat de in de groepsrisicoverantwoording beschreven veiligheidsmaatregelen onvoldoende in de omgevingsvergunningen zijn opgenomen en dat het toezicht op de uitvoering van de maatregelen in de praktijk te kort schiet. Verder blijkt dat de centrale afschakelbaarheid van de mechanische ventilatiesystemen in zowel de Westhoek als het Marklandcollege nog niet is gerealiseerd. 
    De Provincie doet ook aanbevelingen; 

    • Borg dat externe veiligheidsmaatregelen die opgenomen zijn in het bestemmingsplan, inclusief de toelichting, meegenomen worden bij het proces van vergunningverlening.
    • Borg dat externe veiligheidsmaatregelen die zijn opgenomen in het bestemmingsplan en die niet in de omgevingsvergunning kunnen worden meegenomen worden uitgevoerd.
    • Borg de instandhouding van externe veiligheidsmaatregelen die zijn opgenomen in het bestemmingsplan, d.m.v. het organiseren van toezicht in de gebruiksfase.

    In een brief aan de Provincie laat de gemeente weten op welke wijze de tekortkomingen worden opgeheven en de aanbevelingen voor toekomstige plannen worden meegenomen.

  11. Vaststelling Havenafvalplan 2018

    Het college besluit:
    Het Havenafvalplan Rotterdam-Rijnmond 2018 voor de Zeehaven van Moerdijk vast te stellen.

    Het Havenbedrijf Rotterdam N.V. (HbR) heeft in samenspraak met de beheerders van de havens van Dordrecht, Maassluis, Moerdijk, Schiedam en Vlaardingen afgesproken dat voor de gehele havenregio Rotterdam-Rijnmond één gezamenlijk afvalplan komt. Na vaststelling door de colleges van de betrokken gemeenten, wordt het Havenafvalplan 2018 ter goedkeuring aan de Minister van Infrastructuur en Milieu aangeboden waarna het met terugwerkende kracht per 1 januari 2018 in werking zal treden en het vorige Havenafvalplan 2015 komt te vervallen.
    Het Havenafvalplan is van toepassing op zeeschepen en regelt o.a. het toepassingsgebied, systeem van financiering, aanwijzing en regels voor havenontvangstvoorzieningen, regels voor afgifte van afvalstoffen, etc.