Milieu, omgevingsvergunning of -melding

U start een nieuw bedrijf. U wijzigt uw bestaand bedrijf of breidt deze uit. U heeft dan wellicht een omgevingsvergunning nodig. Het kan ook zijn dat een milieumelding voldoende is.

Sinds 1 januari 2008 is het Activiteitenbesluit van kracht. Het Activiteitenbesluit deelt bedrijven op in 3 categorieën:

Type A: geen omgevingsvergunning of melding nodig

Bedrijven waarvan de activiteiten weinig (negatieve) invloed hebben op het milieu. Bijvoorbeeld: kantoren, banken en peuterspeelzalen. Type A-bedrijven hoeven bij oprichting of wijziging geen omgevingsvergunning voor milieu aan te vragen en ook geen melding te doen aan het bevoegd gezag.

Type B: geen omgevingsvergunning nodig, wel melding

Bedrijven uit onder andere de metaalelektro-industrie, tandheelkundige laboratoria, zeefdrukkerijen en een deel van de afvalverwerkende bedrijven. Het gaat tevens om bedrijfstakken waarvoor algemene regels in voormalige branchegerichte besluiten (AMvB's) waren vastgelegd, zoals voor de horeca. Deze bedrijven hebben ook geen omgevingsvergunning nodig voor milieu. Voor type B-bedrijven is het voldoende om bij oprichting, wijziging of uitbreiding van het bedrijf bij het bevoegd gezag de activiteiten te melden.

Type C: omgevingsvergunning verplicht

Bedrijven waarvoor de vergunningplicht blijft gelden, zoals betonmortelcentrales en ziekenhuizen. Daarnaast zijn landbouw- en glastuinbouwbedrijven waarvoor algemene regels gelden, type C-bedrijven.

Steeds meer bedrijven worden onder de werking van het Activiteitenbesluit gebracht. Veel bedrijven hebben hierdoor geen vergunning meer nodig. Soms is bij het oprichten, wijzigen of uitbreiden van een bedrijf nog wel een melding bij het bevoegd gezag nodig. IPPC-bedrijven vallen niet onder het Activiteitenbesluit. In het Activiteitenbesluit worden voor veel bedrijven algemeen geldende voorschriften gesteld waardoor voor deze bedrijven de vergunningsplicht vervalt en kan worden volstaan met het indienen van een melding (type B bedrijven).

Aan dit product zijn geen kosten verbonden.

  1. U doet de vergunningcheck via het omgevingsloket op de website van het ministerie van Infrastructuur en Milieu, om te zien of u een omgevingsvergunning nodig heeft;
  2. Let op! Het kan zijn dat u in het kader van het milieubeheer alleen een melding hoeft doen. Controleer online via het afwegingsmodel op de website van het ministerie van Infrastructuur en Milieu of u een melding moet doen. Via dit model kunt u direct online de melding doen als dat nodig is;
  3. Indien het complexe (bouw- of verbouw)activiteiten betreft, kan het zijn dat u zowel een omgevingsvergunning nodig heeft alswel een melding moet doen. Het is raadzaam beide modules te doorlopen;
  4. Als u een vergunning nodig heeft, dan kunt u deze via dezelfde module ook digitaal aanvragen. U heeft daarvoor wel uw DigiD inlogcode nodig (voor bedrijven uitsluitend nog via 'eHerkenning', kijk hiervoor op de website van het ministerie van Economische Zaken);
  5. U krijgt schriftelijk antwoord van het bevoegd gezag. Dat kan de gemeente zijn, maar ook de provincie, het waterschap of de rijksoverheid;
  6. Meestal is overleg nodig met het bevoegd gezag: een omgevingsvergunning vereist namelijk maatwerk;
  7. Als uw aanvraag wordt gehonoreerd, dan wordt de vergunning meegestuurd (inclusief de voorwaarden waaronder u de vergunning krijgt);
  8. Bent u het niet eens met de beslissing, dan kunt u bezwaar maken. In het besluit staat hoe u bezwaar kunt maken.

procedure

Er kan sprake zijn van een reguliere of een uitgebreide voorbereidingsprocedure(afhankelijk van de complexiteit van de aanvraag). Voor de reguliere voorbereidingsprocedure geldt een doorlooptijd van acht weken (van aanvraagbevestiging tot bekendmaking van het besluit) en kan met zes weken worden verlengd. Voor de uitgebreide voorbereidingsprocedure geldt een doorlooptijd van zes maanden met een mogelijke verlenging van zes weken. Het bevoegd gezag geeft vooraf aan welke van de twee proceduretypen er sprake zal zijn.

Meenemen

De modules en/of het bevoegd gezag geven aan welke gegevens u moet verstrekken. Het gaat hier bijvoorbeeld om:

  • Uw naam en uw adres;
  • Het bedrijfsadres;
  • De kadastrale aanduiding;
  • De ligging van het bedrijf (door middel van duidelijke plattegrondtekeningen);
  • De aard van het bedrijf;
  • Bewijs van inschrijving Kamer van Koophandel.

Gerelateerde producten